Jouw situatie
Op basis van je antwoord tonen we alleen de rubrieken die bij jou horen. Je kunt meerdere dingen tegelijk zijn — werken naast een eigen bedrijf is heel gewoon, en je partner kan een ander profiel hebben dan jij.
Wat doet je partner? ?
Je partner mag een ander profiel hebben dan jij. We gebruiken het inkomen van je partner voor de combinatiekorting, de verdeling van aftrekposten en de toeslagen.
Loon, uitkering of pensioen Eigen bedrijf (eenmanszaak of zzp) BV met dga Geen eigen inkomen
Persoonlijk en gezin
Je leeftijd en je gezinssituatie bepalen welke heffingskortingen en toeslagen op je van toepassing zijn. Een paar regelingen hangen zelfs aan je geboortejaar.
Je geboortejaar ?
Bepaalt of je de AOW-leeftijd hebt bereikt (in 2026 is dat 67 jaar). Wie is geboren vóór 1 januari 1946 heeft bovendien een langere eerste belastingschijf.
In welke maand bereik je de AOW-leeftijd? ?
Deze maand staat in je brief van de SVB. Je betaalt AOW-premie over de maanden vóór je AOW-maand: wie in juli aan de beurt is, betaalt over januari tot en met juni, dus over de helft van het premiepercentage. Zonder deze maand rekenen we het hele jaar premieplichtig, en dat is te hoog.
Kies je AOW-maand januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december
Aantal hele kalenderjaren dat je niet AOW-verzekerd was ?
Buiten Nederland wonen is niet hetzelfde als niet verzekerd zijn: wie voor een Nederlandse werkgever werd uitgezonden, of onder een verdrag of EU-regel verzekerd bleef, bouwde gewoon door. Vul daarom alleen de jaren in waarover je écht niets hebt opgebouwd. Elk zo’n kalenderjaar kort je AOW met 2% (art. 13 lid 1 AOW).
Waar vind je dit? In je AOW-overzicht in Mijn SVB staat per jaar of je verzekerd was; de SVB stuurt dat overzicht ook op verzoek. Reken niet met je paspoortstempels — de vraag is of je verzekerd was, niet waar je woonde.
Een 0 betekent hier: je woonde wel buiten Nederland, maar je bleef die hele tijd AOW-verzekerd. Dan is er geen korting.
Geboortejaar van je partner ?
Uitbetaling van de algemene heffingskorting aan de minstverdienende partner bestaat alleen nog voor wie is geboren vóór 1 januari 1963. Een harde cohortgrens.
Arbeidsinkomen van je partner per jaar ?
De combinatiekorting gaat naar de minstverdienende partner. We gebruiken dit bedrag ook om te bepalen of een andere verdeling van aftrekposten voordeliger is.
Waar vind je dit? Op de jaaropgaaf van je partner, of op zijn of haar laatste loonstrook (het jaartotaal). Is je partner ondernemer, neem dan de winst vóór ondernemersaftrek.
€
Kinderen ?
Vul de leeftijd in die het kind heeft op 1 januari. Kinderen onder de twaalf geven recht op de combinatiekorting; kinderen tot achttien tellen mee voor het kindgebonden budget, waarbij de leeftijdsgroep het bedrag bepaalt. Gaat een kind naar de opvang, vul dan ook de uren per maand, de soort opvang en je eigen uurprijs in — de kinderopvangtoeslag wordt per kind berekend, en het kind met de meeste uren krijgt het laagste percentage.
Waar vind je dit? De opvanguren en je uurtarief staan op je maandfactuur of in het contract met de opvang. Reken de uren om naar een gemiddelde maand.
+ Kind toevoegen
Maanden waarin je dit jaar hebt gewerkt ?
Alleen van belang voor de kinderopvangtoeslag: het maximum aantal vergoede uren per jaar is 230 per kind maal het aantal maanden waarin je hebt gewerkt. Werken jullie allebei, ga dan uit van degene die het minst werkt. Ook studeren of een re-integratietraject telt mee als werken.
12 — het hele jaar 11 maanden 10 maanden 9 maanden 8 maanden 7 maanden 6 maanden 5 maanden 4 maanden 3 maanden 2 maanden 1 maand Ik heb dit jaar niet gewerkt
Betaalde partneralimentatie per jaar ?
Partneralimentatie is volledig aftrekbaar. Kinderalimentatie is dat níét, en advocaatkosten om de alimentatie te verlagen evenmin.
Waar vind je dit? Het bedrag staat in de rechterlijke beschikking of het echtscheidingsconvenant; wat je werkelijk hebt betaald, staat op je bankafschriften.
€
Ontvangen partneralimentatie per jaar ?
Ontvangen partneralimentatie is belast in box 1 en verhoogt je toetsingsinkomen voor toeslagen. Ontvangen kinderalimentatie is onbelast en telt niet mee.
Waar vind je dit? Wat er in het jaar op je rekening is bijgeschreven. De beschikking noemt het afgesproken bedrag; de bank zegt wat je écht kreeg.
€
Inkomen
Naast je brutoloon vragen we ook wat je werkgever al onbelast vergoedt. Juist daar blijft geld liggen: wat via de werkgever loopt, moet je zelf vragen.
Brutoloon per jaar ?
Het bedrag van je jaaropgaaf, vóór aftrek van loonheffing. Tel vakantiegeld en een dertiende maand mee.
Waar vind je dit? Staat op je jaaropgaaf als “loon” of “fiscaal loon”. Heb je meerdere werkgevers of uitkeringen gehad, tel de bedragen dan bij elkaar op — de Belastingdienst ziet ze allemaal.
€
Uitkering per jaar ?
WW, WIA, WAO, Wajong, bijstand of IOAW. Belangrijk verschil met loon: over een uitkering krijg je géén arbeidskorting, omdat een uitkering onder de groene tabel valt.
Waar vind je dit? Op de jaaropgaaf van UWV, de gemeente of de uitvoerder. Die krijg je in januari of februari; UWV zet hem ook in Mijn UWV.
€
Pensioen en AOW per jaar ?
Ouderdomspensioen, AOW en lijfrente-uitkeringen. Deze vallen onder de groene tabel: er hoort geen arbeidskorting bij.
Waar vind je dit? Op de jaaropgaaf van je pensioenfonds, verzekeraar of de SVB. Heb je meerdere potjes, dan krijg je van elk een eigen opgaaf en tel je ze op.
€
Al ingehouden loonheffing ?
Staat op je jaaropgaaf. Hiermee kunnen we laten zien of je geld terugkrijgt of moet bijbetalen. Vul je niets in, dan tonen we alleen de verschuldigde belasting.
Waar vind je dit? Op dezelfde jaaropgaaf, als “ingehouden loonheffing” of “loonbelasting/premie volksverzekeringen”. Niet hetzelfde als de premie voor je zorgverzekering.
€
Is er niets ingehouden? Vul 0 in, dan tonen we wat je moet bijbetalen.
Wat je werkgever al vergoedt
Woon-werkafstand enkele reis in kilometers ?
Je werkgever mag per zakelijke kilometer een vast bedrag onbelast vergoeden, ook voor woon-werkverkeer en ongeacht het vervoermiddel.
Waar vind je dit? De afstand enkele reis van je huis naar je werk. Neem de route die je werkelijk rijdt, niet de vogelvlucht.
Reis je niet naar een vaste werkplek? Vul 0 in.
Wat je nu per kilometer vergoed krijgt ?
Krijg je minder dan het onbelaste maximum, dan kun je via een cafetariaregeling vaak brutoloon ruilen tegen een aanvullende onbelaste vergoeding.
€
Krijg je niets vergoed? Vul dan 0 in — dat is een antwoord, en het maakt het voordeel in je uitkomst juist groter.
Thuiswerkdagen per week ?
Voor elke thuisgewerkte dag mag je werkgever een vast bedrag onbelast vergoeden. Ook een halve thuiswerkdag telt voor het volle bedrag.
Waar vind je dit? Je eigen werkafspraak of thuiswerkregeling. Wisselt het per week, neem dan het gemiddelde over het jaar.
Werk je nooit thuis? Zet de vraag hierboven dan op nee. Werk je soms thuis maar dit jaar geen enkele dag, vul dan 0 in.
Afstand enkele reis per openbaar vervoer (km) ?
Reis je met eigen geld per ov naar je werk en vergoedt je werkgever dat niet of niet volledig, dan is er een vaste aftrek per jaar. Onder een ondergrens is er geen aftrek. Neem de afstand langs de meest gebruikelijke weg, dus niet de vogelvlucht.
Waar vind je dit? De reisplanner van de vervoerder geeft de afstand. Voor de aftrek heb je een ov-verklaring of reisverklaring nodig; die vraag je bij je vervoerder aan.
Reis je wel met het ov maar niet naar je werk? Vul 0 in; dan rekenen we geen reisaftrek.
Dagen per week dat je per ov naar je werk reist ?
Bij vier dagen of meer geldt het volle tabelbedrag; bij drie, twee of één dag driekwart, de helft of een kwart daarvan. Het gaat om heen én terug binnen 24 uur.
Waar vind je dit? Je eigen werkweek. Wisselt het, neem dan het aantal dagen dat je gewoonlijk reist.
Kies… 1 dag per week 2 dagen per week 3 dagen per week 4 dagen per week 5 dagen of meer per week
Aantal dagen dat je dit jaar per ov naar je werk reisde ?
Deze vraag verschijnt alleen in het geval waarin zij meetelt: boven de 90 kilometer én bij één, twee of drie reisdagen per week. Dan geldt geen tabelbedrag maar een bedrag per kilometer maal het aantal dagen dat je werkelijk hebt gereisd, met een jaarmaximum.
Waar vind je dit? Uit je eigen agenda, of uit het reisoverzicht van je ov-vervoerder over het jaar.
Reiskostenvergoeding die je voor dit ov-traject ontving ?
Elke vergoeding voor die reisafstand gaat er integraal vanaf, ook een vergoeding die je aan het eind van het jaar tegen je eindejaarsuitkering hebt uitgeruild. Krijg je alles vergoed, dan blijft er geen aftrek over.
Waar vind je dit? Op je jaaropgaaf of loonstroken, bij de onbelaste vergoedingen; je salarisadministratie kan het jaartotaal geven.
€
Krijg je niets vergoed? Vul 0 in — dan blijft de hele aftrek staan.
Wat je dit jaar al via de vrije ruimte kreeg ?
De werkkostenregeling: je werkgever mag een deel van de loonsom onbelast uitkeren. Tot een vast bedrag per persoon per jaar geldt dat zonder nadere toets als gebruikelijk.
Waar vind je dit? Dit weet je werkgever, niet jij: vraag het bij HR of de salarisadministratie op. Ken je het niet, vul dan 0 in — dan zie je wat er maximaal open zou staan.
€
Kreeg je hier niets uit? Vul 0 in; dan zien we hoeveel ruimte er nog is.
Cataloguswaarde van je auto van de zaak ?
De bijtelling telt mee als loon en verhoogt je toetsingsinkomen voor toeslagen. Voor een huishouden rond de toeslaggrenzen kan een auto van de zaak netto negatief uitpakken.
Waar vind je dit? De cataloguswaarde inclusief btw en bpm staat op de bijtellingsopgave van je werkgever of leasemaatschappij; hij staat óók op het kentekenbewijs bij de RDW.
€
Soort auto ?
Elektrische auto’s met eerste toelating in 2026 krijgen een korting op de bijtelling, tot een maximum. Bij een auto ouder dan zestien jaar rekent de fiscus over de waarde in het economische verkeer.
Gewone auto, eerste toelating vanaf 2017 Gewone auto, eerste toelating vóór 2017 Volledig elektrisch, eerste toelating 2026 Ouder dan zestien jaar
Adviesprijs van je fiets van de zaak ?
Een fiets van de zaak kent een bijtelling over de consumentenadviesprijs. Er is géén tegenbewijs bij gering privégebruik, anders dan bij de auto.
Waar vind je dit? De consumentenadviesprijs staat op de factuur of het leasecontract van de fiets, niet het bedrag dat je werkgever heeft betaald.
€
Wonen
Huur je, dan bepaalt je kale huur samen met je inkomen en je huishoudgrootte hoeveel huurtoeslag je krijgt. Koop je, dan levert je woning zowel een bijtelling als een aftrek op, en bepaalt het saldo van die twee wat je huis je fiscaal kost of oplevert.
WOZ-waarde van je woning ?
Een percentage hiervan telt de fiscus bij je inkomen op: het eigenwoningforfait. Een lagere WOZ verlaagt dat forfait — en bij verhuurd bezit ook je box 3-waarde. Bezwaar maken loont daarom vaak dubbel.
Waar vind je dit? In de WOZ-beschikking die je gemeente je elk jaar stuurt, meestal in februari. Kwijt? Kijk op het WOZ-waardeloket of in het portaal van je gemeente.
€
Betaalde hypotheekrente per jaar ?
Aftrekbaar, maar het voordeel is afgetopt: boven een bepaald inkomen krijg je niet je hoogste tarief terug. Ook de boeterente bij oversluiten is aftrekbaar, in één keer in het jaar van betaling.
Waar vind je dit? Op het jaaroverzicht van je hypotheekverstrekker, onder “betaalde rente”. Neem alleen de rente, niet de aflossing en niet de premie van een verzekering. Valt een leningdeel in box 3 (zie de vraag hieronder over je leningdelen), laat de rente over dát deel dan weg: die is niet aftrekbaar.
€
Een 0 betekent hier: je betaalt geen aftrekbare hypotheekrente — bijvoorbeeld omdat je hypotheek is afgelost.
Hypotheekschuld op 1 januari ?
De stand van je hypotheek aan het begin van het jaar, alle leningdelen samen. Hiermee kunnen we zien welk deel van je lening nog in box 1 zit en welk deel niet, en wat het je zou doen om daar iets aan te veranderen.
Waar vind je dit? Op het jaaroverzicht van je hypotheekverstrekker staat de schuld per 1 januari, uitgesplitst per leningdeel. Tel de delen bij elkaar op.
€
Een 0 betekent hier: je hebt geen hypotheek meer — je woning is afgelost.
Hoe wil je je hypotheek opgeven? ?
Een leningdeel telt alleen als eigenwoningschuld als er een verplichting op rust om het ten minste annuïtair en in ten hoogste 360 maanden volledig af te lossen, én als daaraan ook wordt voldaan (art. 3.119a lid 1 sub b en c Wet IB 2001). Of dat zo is, volgt uit de aflosvorm en het jaar waarin je het deel afsloot: een aflossingsvrij deel dat op 31 december 2012 al liep, blijft onder het overgangsrecht juist wél eigenwoningschuld (art. 10bis.1 lid 1). Geef je de delen op, dan leiden we die splitsing zelf af en zeggen we bij de uitkomst per deel waarom.
Waar vind je dit? Op het jaaroverzicht van je hypotheekverstrekker staat per leningdeel de stand op 1 januari, de aflosvorm en de ingangsdatum. Heb je dat overzicht niet bij de hand, kies dan de tweede optie en vul het bedrag in dat je zelf weet.
Per leningdeel — wij leiden de splitsing af Ik vul het box 3-deel zelf in
Je leningdelen ?
Voeg per leningdeel drie dingen toe: de stand op 1 januari, de aflosvorm en het jaar waarin het deel is ingegaan. Meer hebben we niet nodig — daaruit volgt of het deel nog eigenwoningschuld is. Laat je dit leeg, dan rekenen we alsof je hele hypotheek nog eigenwoningschuld is.
Waar vind je dit? Alle drie staan op het jaaroverzicht van je hypotheekverstrekker, per leningdeel onder elkaar. De aflosvorm heet daar “aflossingsvorm” of “leningvorm”; het startjaar is de ingangsdatum van dat deel, niet de datum waarop je de woning kocht.
+ Leningdeel toevoegen
Waarvan het deel dat géén eigenwoningschuld meer is ?
Een leningdeel telt alleen als eigenwoningschuld als er een verplichting op rust om het ten minste annuïtair en in ten hoogste 360 maanden volledig af te lossen, én als daaraan ook wordt voldaan (art. 3.119a jo. 3.119c Wet IB 2001). Voldoet een deel daar niet aan, dan is de rente erover niet aftrekbaar, maar telt de schuld mee in box 3 en verlaagt zij daar je grondslag. Let op: een aflossingsvrij deel van vóór 2013 valt onder het overgangsrecht en blijft juist wél eigenwoningschuld.
Waar vind je dit? Op het jaaroverzicht van je hypotheekverstrekker staat per leningdeel de aflosvorm — annuïtair, lineair of aflossingsvrij — en de ingangsdatum. Een aflossingsvrij deel dat is afgesloten ná 2012, of een deel waarvan de looptijd voorbij 360 maanden loopt, hoort hier. Twijfel je, vraag het je geldverstrekker of adviseur; het staat ook in de jaaropgaaf die naar de Belastingdienst gaat.
€
Een 0 betekent hier: je hele hypotheek is nog eigenwoningschuld. Bij de meeste mensen is dat zo.
Betaalde erfpachtcanon per jaar ?
De periodieke canon is aftrekbaar als kosten van de eigen woning. Afkoop van de canon is dat níét, maar de lening die je daarvoor aangaat hoort wel tot de eigenwoningschuld.
Waar vind je dit? Op de jaarnota van de erfpachtgever of de gemeente, of op je bankafschriften als je hem per termijn betaalt.
€
Kale huur per maand ?
De huur zonder servicekosten. Servicekosten telden tot en met 2025 mee in de rekenhuur; vanaf 2026 niet meer, dus die hoef je hier niet bij op te tellen. Huur je een woonwagen, tel de huur van de standplaats er dan wél bij.
Waar vind je dit? In je huurcontract of op de jaarlijkse huurverhogingsbrief van je verhuurder. Op je maandelijkse huurnota staat de kale huur meestal apart van de servicekosten.
€
Een 0 betekent hier: ik betaal geen kale huur. Dan is er ook geen huurtoeslag.
Aantal personen op je adres, jezelf meegerekend ?
Dit bepaalt vier dingen tegelijk: welke basishuur je zelf moet betalen, waar je aftoppingsgrens ligt, vanaf welk inkomen je toeslag afbouwt en hoe snel. Tel je partner en je thuiswonende kinderen mee; onderhuurders tellen niet mee.
Waar vind je dit? Kijk wie er op jouw adres staat ingeschreven in de Basisregistratie Personen; dat kun je opvragen via MijnOverheid.
Woon je alleen, vul dan 1 in.
Rente over een restschuld per jaar ?
Bleef er na de verkoop van een woning een schuld over, dan kan de rente daarover nog steeds aftrekbaar zijn — ook jaren later. Vul hier in wat je aan rente over die restschuld betaalt.
Waar vind je dit? Op het jaaroverzicht van de lening die na de verkoop overbleef. De verkoopakte laat zien wanneer die restschuld ontstond.
€
Vermogen en schulden
Box 3 gaat over je vermogen op 1 januari. Diezelfde peildatum bepaalt ook of je recht houdt op toeslagen — en daar is het alles of niets.
Spaargeld en betaalrekeningen op 1 januari ?
Voor banktegoeden geldt een veel lager verondersteld rendement dan voor beleggingen. Let op: dat percentage voor 2026 staat nog niet definitief vast.
Waar vind je dit? De stand op 1 januari, zoals die op je rekening stond. Kijk in je bank-app of op het eerste afschrift van het jaar; banken zetten de standen van 1 januari ook in een jaaroverzicht.
€
Een 0 betekent hier: geen spaargeld op 1 januari.
Beleggingen op 1 januari ?
Aandelen, obligaties, fondsen en cryptovaluta. Hiervoor geldt het hoge forfait, dat wél vaststaat voor 2026.
Waar vind je dit? De waarde op 1 januari, uit het jaaroverzicht van je broker of bank. Voor cryptovaluta: de koers op 1 januari maal je saldo — bewaar een schermafdruk.
€
Geen beleggingen? Vul 0 in.
Groene beleggingen op 1 januari ?
Alleen bij een door de inspecteur aangewezen groenfonds of groenbank. Zelf "groen beleggen" in een duurzaam ETF telt niet. 2026 is het laatste jaar met een volwaardige vrijstelling.
Waar vind je dit? Het jaaroverzicht van je groenbank of groenfonds; die vermeldt zelf of hij is aangewezen. Twijfel je, vraag het na — een duurzaam ETF telt niet.
€
Nog niets groens? Vul 0 in — de vrijstelling staat dan volledig open.
Schulden op 1 januari ?
Studieschuld bij DUO, consumptief krediet of een lening voor een tweede woning. De eerste schijf van je schulden mag je niet aftrekken.
Waar vind je dit? De stand op 1 januari. Je DUO-schuld staat in Mijn DUO, kredieten op het jaaroverzicht van de kredietverstrekker. Je hypotheek op je eigen woning hoort hier niet bij.
€
Geen schulden? Vul 0 in.
Contant geld en cadeaubonnen ?
Tot een vast bedrag per persoon vrijgesteld. In box 3 is dat verwaarloosbaar, maar het verlaagt óók je rendementsgrondslag voor de toeslagen — en dáár kan het het verschil maken.
Waar vind je dit? Wat je op 1 januari in huis of in je portemonnee had, plus de waarde van cadeaubonnen. Hier bestaat geen opgaaf voor: het is een eigen schatting.
€
Waarde van je uitvaart- of overlijdensrisicoverzekering ?
Tot een vast bedrag per verzekerde vrijgesteld. Een grote overlijdensrisicoverzekering bij de hypotheek heeft doorgaans een lage waarde, waardoor de vrijstelling toch werkt.
Waar vind je dit? Vraag de afkoopwaarde per 1 januari op bij je verzekeraar. Die staat zelden op de polis, want de polis noemt het verzekerde bedrag en niet de waarde.
€
WOZ-waarde van verhuurd vastgoed ?
Een woning die je verhuurt aan een huurder met huurbescherming waardeer je op een percentage van de WOZ-waarde: de leegwaarderatio.
Waar vind je dit? De WOZ-beschikking van de gemeente voor dat pand. Voor box 3 geldt de waarde met peildatum 1 januari van het voorafgaande jaar.
€
Jaarhuur van dat vastgoed ?
De verhouding tussen jaarhuur en WOZ-waarde bepaalt welke leegwaarderatio geldt. Hoe lager de huur, hoe lager de waardering.
Waar vind je dit? De kale jaarhuur uit je huurcontract, dus zonder servicekosten. Bij een deel van het jaar verhuurd: reken naar een vol jaar om.
€
Waarde van je buitenlandse onroerend goed op 1 januari ?
De waarde in het economische verkeer op 1 januari. Voor een pand in het buitenland bestaat geen WOZ-beschikking, dus de waardering gaat langs de gewone weg. De leegwaarderatio voor verhuurde woningen geldt hier niet: die verlaagt de waarde alleen als op de verhuur het Nederlandse huurrecht van toepassing is.
Waar vind je dit? In de koopakte, een recente taxatie, of de aanslag onroerendezaakbelasting van het land zelf (Spanje: valor catastral, Frankrijk: valeur cadastrale). Die buitenlandse waarden zijn vaak lager dan de marktwaarde; voor box 3 gaat het om de waarde in het economische verkeer, dus onderbouw wat je invult.
€
Een 0 betekent hier: het pand was op 1 januari nog niet van jou.
Lening die bij dat pand hoort, op 1 januari ?
Alleen de schuld die met dit pand verband houdt — een hypotheek erop, of een lening die je ervoor bent aangegaan. Die schuld verlaagt je box 3-grondslag én je buitenlandse rendementsgrondslag, en dat laatste verkleint de vermindering die je krijgt. Andere schulden vul je in bij "Schulden op 1 januari".
Waar vind je dit? De stand op 1 januari uit het jaaroverzicht van de bank die de lening verstrekte, ook als dat een buitenlandse bank is.
€
Een 0 betekent hier: het pand is onbelast eigendom, er rust geen lening op.
Je werkelijke rendement over het jaar ?
Rente, dividend, huur én waardeontwikkeling samen — ook ongerealiseerde koerswinst. Het gaat over je hele vermogen: de Belastingdienst schrijft voor dat je het werkelijke rendement over je tótale vermogen berekent, zonder uitzonderingen. Onroerend goed in het buitenland hoort er dus net zo goed in als je spaarrekening — laat je dat weg, dan lijkt de tegenbewijsregeling gunstig terwijl zij dat niet is. Vul je dit in, dan rekenen we ook de tegenbewijsregeling door en tonen we de gunstigste uitkomst.
Waar vind je dit? Dit reken je zelf uit: rente en dividend uit je jaaroverzichten, plus het verschil tussen de waarde op 1 januari en op 31 december. Heb je een tweede woning voor eigen gebruik, tel dan de bijtelling eigen gebruik erbij. Voor een pand in het buitenland: de waardeontwikkeling over het jaar plus de netto huur die je ontving.
€
Een 0 betekent hier: mijn rendement wás nul. Dan rekenen we de tegenbewijsregeling voor je door, en die pakt dan gunstig uit.
Inkomen uit aanmerkelijk belang ?
Dividend of vervreemdingswinst uit een vennootschap waarin je vijf procent of meer houdt. Had je verlies, zet dan een minteken ervoor. Heb je een BV, vul dat dan in bij de rubriek BV.
Waar vind je dit? Op het dividendbesluit en de aangifte dividendbelasting van de vennootschap; bij verkoop van aandelen op de notariële akte.
€
Aftrekposten
Hier zit vaak de meeste onbenutte ruimte. Wat een aftrekpost je oplevert, rekenen we bij het resultaat voor je door. Dat is vaak iets minder dan je marginale tarief, omdat een aftrekpost de arbeidskorting niet raakt.
Gewone giften aan goede doelen per jaar ?
Aftrekbaar boven een drempel van een percentage van je inkomen, met een minimum. Contante giften zijn nooit aftrekbaar, en loten van goededoelenloterijen evenmin.
Waar vind je dit? Bankafschriften van je overboekingen; veel goede doelen sturen een jaaroverzicht. Contante collectegiften kun je niet aftrekken, want je kunt ze niet aantonen.
€
Geef je niets? Vul 0 in.
Periodieke giften (vastgelegd voor vijf jaar) ?
Voor periodieke giften geldt géén drempel, en het plafond loopt niet met je inkomen mee: het is een vast jaarmaximum dat zo hoog ligt dat het voor vrijwel niemand speelt. Er gelden wel vormvereisten: je legt je vast voor minimaal vijf jaar en de uitkeringen moeten vast en gelijkmatig zijn.
Waar vind je dit? De notariële of onderhandse schenkingsakte noemt het jaarbedrag; je bankafschriften laten zien dat je het ook echt hebt betaald.
€
Waarvan aan een culturele ANBI ?
Giften aan culturele ANBI’s mogen met een kwart worden verhoogd, tot een maximum. Die verhoging verhoogt tevens het plafond.
Waar vind je dit? Of een instelling een culturele ANBI is, staat in het ANBI-register van de Belastingdienst — daar kun je op naam zoeken.
€
Specifieke zorgkosten die je zelf betaalde ?
Alleen kosten die je nergens vergoed krijgt. Niet aftrekbaar zijn premies, eigen risico, brillen en woningaanpassingen. Wél en vaak vergeten: reisvaccinaties, batterijen van een gehoorapparaat en een bril met prismaglazen die het gezichtsvermogen niet ondersteunt.
Waar vind je dit? Facturen en betaalbewijzen van wat je zelf hebt betaald. Het jaaroverzicht van je zorgverzekeraar laat zien wat er wél is vergoed; dat deel hoort er juist niet bij.
€
Betaalde lijfrentepremie dit jaar ?
Aftrekbaar tot je jaarruimte. Lijfrentepremie valt bovendien buiten de rem op aftrekposten: je trekt af tegen je volle tarief, ook in de hoogste schijf.
Waar vind je dit? Op het jaaroverzicht of de premienota van je lijfrenteverzekeraar of je bank; bij banksparen op het jaaroverzicht van de lijfrenterekening.
€
Leg je niets in? Vul 0 in — dan berekenen we hoeveel ruimte je onbenut laat.
Hoeveel pensioen kwam er vorig jaar bij? Kijk op je pensioenoverzicht ?
Je pensioenopbouw van vorig jaar gaat af van je jaarruimte voor lijfrente van dit jaar (art. 3.127 lid 4). Op je Uniform Pensioenoverzicht (UPO) staat dat getal bij een van twee iconen. Factor A hoort bij een regeling van vóór de Wet toekomst pensioenen: wij rekenen dan met 6,27 keer dat bedrag. Jaarruimte hoort bij een premieregeling: dan telt het bedrag zelf. Vul je het in, dan krijg je bij de lijfrente een vast bedrag. Weet je het niet, kies dan het eerste antwoord: dan rekenen we met een bandbreedte in plaats van met een verzonnen getal, en staat er bij je uitkomst "tot".
Waar vind je dit? Op je Uniform Pensioenoverzicht (UPO), bij je pensioenuitvoerder — niet op mijnpensioenoverzicht.nl zelf. De stappen staan onder deze vraag.
Dat weet ik niet Een bedrag bij het icoon Factor A Een bedrag bij het icoon Jaarruimte
Zo vind je dit getal, klik voor klik Ga naar mijnpensioenoverzicht.nl en log in met DigiD. Je ziet daar bij welke pensioenuitvoerders — je pensioenfonds of je verzekeraar — je pensioen opbouwt. Log in op de website van die pensioenuitvoerder en open het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) dat je dit jaar kreeg. Het getal staat niet op mijnpensioenoverzicht.nl zelf, alleen op dat overzicht. Zoek op het UPO het icoon Factor A, met de regel "Pensioenaangroei factor A in 2025", of het icoon Jaarruimte. Neem het bedrag erbij over en onthoud bij welk icoon het stond. Heb je meer dan één pensioenuitvoerder, tel dan de bedragen op die bij hetzelfde icoon staan.
Pensioenaangroei factor A over 2025 ?
Alleen bij een regeling van vóór de Wet toekomst pensioenen die nog niet is omgezet (eerbiedigende werking). Wij vermenigvuldigen hem met 6,27, zoals art. 3.127 lid 4 luidde op 31 december 2023.
Waar vind je dit? Op het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) dat je dit jaar van je pensioenuitvoerder kreeg, onder het icoon Factor A: de regel "Pensioenaangroei factor A in 2025". Heb je meer dan één uitvoerder, tel de bedragen bij dat icoon dan op.
€
Een 0 betekent hier: er is vorig jaar geen aanspraak bij gekomen.
Bedrag bij het icoon Jaarruimte over 2025 ?
De premie die vorig jaar voor je ouderdoms- en partnerpensioen is ingelegd, werkgevers- en werknemersdeel samen — zo staat het in art. 3.127 lid 4. Het is dus meer dan wat er van je eigen salaris afging: dat is alleen jouw deel. Compensatiepremie en inhaalpremie tellen niet mee; die laat je uitvoerder al weg.
Waar vind je dit? Op het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) dat je dit jaar van je pensioenuitvoerder kreeg, onder het icoon Jaarruimte. Heb je meer dan één uitvoerder, tel de bedragen bij dat icoon dan op.
€
Een 0 betekent hier: er is vorig jaar niets ingelegd.
Betaalde premie arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) ?
Ben je zelfstandige of zzp'er, dan is een AOV vaak je enige verzekering tegen inkomensverlies — en de premie is volledig aftrekbaar, zonder het jaarruimteplafond dat bij lijfrente geldt (art. 3.124 lid 1 onderdeel c). Voorwaarde: de premie komt voor jouw rekening en de uitkeringen komen aan jou toe. Een verzekering voor het WIA-gat die je als werknemer zelf betaalt, telt ook. Een premie die je werkgever al via je loon verrekent, telt niet. De uitkeringen zijn later wel volledig belast.
Waar vind je dit? De premienota of het jaaroverzicht van je arbeidsongeschiktheidsverzekeraar. Tel de premies op die je dit jaar betaalt.
€
Heb je geen AOV? Vul 0 in — dan laten we zien wat een premie je zou schelen.
Verzorgingsdagen voor een gehandicapt familielid ?
Verzorg je in het weekend of de vakantie een ernstig gehandicapt kind, broer of zus van 21 jaar of ouder dat doordeweeks in een instelling verblijft, dan mag je een vast bedrag per dag aftrekken.
Waar vind je dit? Je eigen agenda of een overzicht van de instelling. Tel de dagen waarop je daadwerkelijk hebt verzorgd.
Kilometers voor het halen en brengen ?
De afstand tussen de instelling en je woning, voor het halen en brengen. Het bedrag per kilometer is in mei 2026 met terugwerkende kracht verhoogd bij beleidsbesluit; de wettekst noemt nog het oude bedrag. We rekenen met het besluit en laten beide bedragen bij de regeling zien.
Waar vind je dit? De afstand enkele reis tussen de instelling en je woning, over de route die je rijdt.
Onderneming
Voor een eenmanszaak of zzp gelden faciliteiten die in een vaste volgorde worden toegepast: eerst de investeringsaftrek, dan de ondernemersaftrek, en pas daarna de MKB-winstvrijstelling.
Winst uit onderneming vóór ondernemersaftrek ?
Je omzet minus je zakelijke kosten, vóór alle fiscale faciliteiten. Had je verlies, zet dan een minteken ervoor, zoals -5.000. Zit je in een VOF of maatschap, vul dan je eigen winstaandeel in — elke vennoot doet zijn eigen aangifte en heeft een eigen ondernemersaftrek. Wij passen de investeringsaftrek, de ondernemersaftrek en de MKB-winstvrijstelling in de juiste volgorde toe.
Waar vind je dit? Op je winst-en-verliesrekening of in je boekhoudprogramma, als resultaat vóór belasting. Werk je met een boekhouder, vraag dan het fiscale resultaat vóór ondernemersaftrek.
€
Uren die je aan je onderneming besteedde ?
Het urencriterium is een harde grens: haal je hem niet, dan vervalt de hele ondernemersaftrek in één keer. Ook acquisitie, administratie, scholing en reistijd tellen mee als gewerkte uren.
Waar vind je dit? Uit je urenadministratie. Heb je die niet bijgehouden, reconstrueer hem dan uit je agenda en je facturen — bij een controle wordt er juist naar gevraagd.
Vul het werkelijke aantal in, ook als dat onder het urencriterium ligt. Een 0 is een antwoord dat meetelt.
Investeringen in gewone bedrijfsmiddelen ?
De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek kent een staffel met harde randen: net onder de ondergrens krijg je niets, één euro erboven een fors bedrag. Vul het totaal in van wat je dit jaar hebt vastgelegd.
Waar vind je dit? De investeringsstaat of het afschrijvingsoverzicht in je boekhouding: alles wat je dit jaar hebt vastgelegd en activeert.
€
Niets geïnvesteerd? Vul 0 in.
Investeringen van de Energielijst ?
Geeft een forse extra aftrek bovenop de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. Melden bij RVO binnen drie maanden na het aangaan van de verplichting — dat is een vervaltermijn.
Waar vind je dit? De Energielijst van dit jaar staat op de site van de uitvoeringsorganisatie; je terugvindt je meldingen in het eLoket waar je ze hebt gedaan.
€
Investeringen van de Milieulijst ?
De Milieulijst kent drie categorieën met elk een eigen aftrekpercentage. Welke categorie geldt, staat bij het bedrijfsmiddel op de lijst zelf.
Waar vind je dit? Idem via de Milieulijst van dit jaar. De lijst noemt per bedrijfsmiddel de code en de categorie.
€
Categorie milieu-investering ?
De Milieulijst deelt bedrijfsmiddelen in drie categorieën in, elk met een eigen aftrekpercentage. De categorie staat bij het bedrijfsmiddel op de lijst.
Categorie I Categorie II Categorie III
Uren dat je partner onbetaald meewerkt ?
Werkt je partner zonder enige vergoeding mee, dan geldt de meewerkaftrek: een percentage van je winst dat oploopt met het aantal uren. Betaal je ook maar iets, dan vervalt die aftrek volledig.
Waar vind je dit? Uit de urenadministratie van je partner. Zonder vastlegging is de meewerkaftrek niet te onderbouwen.
Arbeidsbeloning die je je partner betaalt ?
Onder een vaste grens is de beloning niet aftrekbaar; vanaf die grens is het volledige bedrag aftrekbaar. Betaal dus nooit een bedrag net onder de grens. De beloning moet zakelijk zijn.
Waar vind je dit? Wat je in het jaar aan je partner hebt overgemaakt, terug te vinden op je zakelijke bankafschriften.
€
Betaal je je partner niets? Vul 0 in; dan kijken we naar de meewerkaftrek in plaats van de arbeidsbeloning.
Uren speur- en ontwikkelingswerk ?
Er geldt een harde urengrens: één uur te weinig geeft nul aftrek. De uren moeten in een S&O-administratie zijn vastgelegd.
Waar vind je dit? Uit je S&O-administratie. Die is verplicht bij een S&O-verklaring en moet per project de uren per persoon laten zien.