Belasting Redder

Onafhankelijke informatietool — geen officiële site van de Belastingdienst. Geen advies: een berekening, met de bron erbij.

Aanslag inlezen Zie wat er nog in je voorlopige aanslag zit

Wat kun je als werknemer terugkrijgen of vragen?

Loon, uitkering, de werkkostenregeling, auto en vervoer, de aftrekposten die bij werknemers gelden, en de vraag waar je je loonheffingskorting laat toepassen.

61 regelingen · 9 categorieën · 27 zelden benut · onderzoeksrapport bs-werk-w1

Filteren en uitklappen
Loopt via
  • Via je werkgever — Dit loopt via je werkgever of uitkeringsinstantie. Je moet erom vragen — of controleren of het goed op je loonstrook staat. Vraag je er niet om, dan gebeurt er niets.
  • Via je aangifte — Dit moet je zelf claimen in je aangifte inkomstenbelasting of via een voorlopige aanslag. Je werkgever houdt er geen rekening mee.
  • Via werkgever én aangifte — Dit speelt op beide plekken: er gaat iets via de loonstrook, en er blijft iets over dat je zelf in de aangifte moet regelen of corrigeren.
  • Gaat automatisch — Hier hoef je in beginsel niets voor te doen; het wordt automatisch toegepast. Controleren loont wel, want automatisch is niet hetzelfde als foutloos.
  • Aparte aanvraag — Dit vraag je apart aan bij de Belastingdienst, een uitvoerder, RVO, de SVB of je gemeente. Niet in de aangifte, en niet via je werkgever.

Alle 208 regelingen op route →

Alle bedragen gelden voor belastingjaar 2026 (aangifte in 2027) en zijn overgenomen uit de onderzoeksrapporten, die elk bedrag hebben herleid tot de wettekst per 1 januari 2026 of tot een andere officiële bron, zoals een cijferbijlage, een brochure of een beleidsbesluit. Ze zijn geen toezegging: controleer je eigen situatie altijd bij de bron.

Heffingskortingen 6

Algemene heffingskorting

Via werkgever én aangifteAlgemeen bekend

In het kort

Een korting op je inkomstenbelasting die bijna iedereen vanzelf krijgt. Hij is hoogstens € 3.115 per jaar en wordt kleiner naarmate je meer verdient.

Wat het is

Iedereen krijgt automatisch een korting op de te betalen inkomstenbelasting. Hoe hoger je inkomen, hoe kleiner die korting wordt.

Voor wie

Iedere binnenlandse belastingplichtige. Je werkgever of uitkeringsinstantie past hem al toe zodra je de loonheffingskorting hebt aangevraagd.

Bedragen en cijfers 2026

  • Maximaal € 3.115 per jaar. Wie het hele jaar AOW-gerechtigd is: € 1.556.
  • Afbouw van 6,398% van het verzamelinkomen boven € 29.736 (AOW-gerechtigd: 3,195%).
  • De korting is nul vanaf een verzamelinkomen van € 78.426.

Strategie en stappen

  • De afbouw loopt over het verzamelinkomen, niet over je arbeidsinkomen. Elke box 1-aftrekpost in het traject € 29.736 – € 78.426 levert dus 6,398% extra op bovenop het tariefvoordeel zelf.
  • Dat maakt aftrekposten in dit traject substantieel meer waard dan het nominale tarief suggereert — reken met ruim 42% in plaats van 35,75%.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • In de loonbelastingtabel wordt de afbouw per werkgever berekend. Bij twee inkomensbronnen ontstaat structureel te weinig inhouding en volgt een naheffing; zie “Waar je de loonheffingskorting laat toepassen”.

Arbeidskorting

Via werkgever én aangifteAlgemeen bekend

In het kort

Een korting op je belasting omdat je werkt, in loondienst of als ondernemer. Hij loopt op tot hoogstens € 5.685 per jaar en wordt bij een hoog inkomen weer kleiner.

Wat het is

Een extra korting als je werkt. Hij loopt eerst op met je arbeidsinkomen, bereikt een top en bouwt daarna weer af.

Voor wie

Iedereen met arbeidsinkomen: loon, winst uit onderneming vóór ondernemersaftrek, resultaat uit overig werk, fooien, aandelenoptierechten en buitenlands arbeidsinkomen. Een Ziektewetuitkering telt alleen mee zolang er nog een arbeidscontract is.

Na 2026

Voorstel Belastingplan 2027, nog geen wet: De arbeidskorting gaat op alle knikpunten € 173 omhoog, bovenop de (beperkte) indexatie. De ouderenkorting gaat eenmalig € 100 omlaag. Beide horen bij het koopkrachtpakket, dat het kabinet zelf een eerste voorstel noemt waarover het nog met de Kamer in gesprek gaat. Bronnen: Tweede Kamer — kamerstuk 37 022: wetsvoorstel en memorie van toelichting · Rijksoverheid — nieuwsbericht Belastingplan 2027 (15 september 2026) · Begroting 2027 Sociale Zaken en Werkgelegenheid (pdf)

Vastgesteld, per 1-1-2027: Betaalt je werkgever een uitkering door samen met ander loon, dan mag hij daar vanaf 1 januari 2027 geen arbeidskorting meer op toepassen. Het gaat om WAO, WAZ, Wajong, WIA (IVA en WGA), Ziektewet behalve als die uit je huidige dienstverband voortkomt, en een toeslag op grond van de Toeslagenwet. Krijg je de uitkering rechtstreeks van UWV, dan verandert er niets. Krijg je de inkomensafhankelijke combinatiekorting via een voorlopige aanslag, pas die dan begin 2027 aan: de uitkering telt dan niet meer mee. In 2026 geldt de witte tabel nog over het totaal. Bronnen: Belastingdienst — Geen arbeidskorting meer over bepaalde uitkeringen · UWV — Arbeidskorting over uitkering stopt per 1 januari 2027

Meer in de vooruitblik: alle voorstellen uit het Belastingplan 2027 en wat al wet is voor een later jaar.

Bedragen en cijfers 2026

  • Tot en met € 11.965 arbeidsinkomen: 8,324% × arbeidsinkomen (maximaal € 996).
  • € 11.965 – € 25.845: € 996 + 31,009% over het meerdere, tot € 5.300.
  • € 25.845 – € 45.592: € 5.300 + 1,950% over het meerdere, tot het maximum van € 5.685.
  • € 45.592 – € 132.920: € 5.685 − 6,510% over het meerdere.
  • Boven € 132.920: € 0.
  • AOW-gerechtigd: ongeveer de helft, met een maximum van € 2.840.

Strategie en stappen

  • Het traject € 11.965 – € 25.845 met een opbouw van 31,009% is het meest lonende inkomenstraject van het hele stelsel: elke extra euro loon levert daar bijna een derde aan extra korting op.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • WW, WIA/WAO, Wajong, bijstand, IOAW/IOAZ, pensioen en een ZW-uitkering ná het einde van de dienstbetrekking zijn géén arbeidsinkomen. Wie van loon naar uitkering gaat, verliest de arbeidskorting volledig — tot € 5.685 per jaar.
  • Bij een uitkering die de werkgever doorbetaalt naast loon uit tegenwoordige dienstbetrekking geldt in 2026 nog de witte tabel over het totaal.

Inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK)

Via je aangifteMatig bekend

In het kort

Een extra korting op je belasting voor een werkende ouder met een kind jonger dan 12: de alleenstaande ouder, of de ouder die het minst verdient. Hij is hoogstens € 3.032 per jaar.

Wat het is

Een extra korting voor de minstverdienende ouder van een kind jonger dan twaalf, of voor een alleenstaande ouder die werkt.

Voor wie

Je hebt arbeidsinkomen boven een drempel, er hoort minstens zes maanden een kind bij je huishouden dat aan het begin van 2026 nog geen twaalf was (geboren ná 31-12-2013), en je hebt geen partner of je verdient minder dan je partner.

Bedragen en cijfers 2026

  • Drempel: arbeidsinkomen van meer dan € 6.239.
  • 11,45% van het arbeidsinkomen boven die drempel, met een maximum van € 3.032.
  • Het maximum wordt bereikt bij een arbeidsinkomen van ongeveer € 32.719.
  • AOW-gerechtigd: 5,72%, maximaal € 1.513.

Strategie en stappen

  • Je werkgever houdt hier geen rekening mee. Je moet de IACK zelf claimen via de aangifte of een voorlopige aanslag — dit is een van de vaakst gemiste posten.
  • Bij co-ouderschap telt het kind bij beide huishoudens mee als het ten minste 156 dagen per jaar in elk huishouden verblijft. Leg dat verblijfsschema vast.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Bij precies gelijk arbeidsinkomen van beide partners gaat de korting naar de oudste.
  • Een partnerschap dat korter dan zes maanden duurt, telt niet mee.
  • In 2026 geldt de IACK gewoon voor alle kinderen onder de twaalf, en er is géén geboortejaar-overgangsrecht. Wél staat de afbouw al in de wet: vanaf 2027 daalt het maximum elk jaar een stap (in 2027 naar € 2.881 vóór indexatie) en per 1 januari 2035 vervalt de korting.
  • Twee pagina’s van de Belastingdienst noemen voor wie het héle jaar AOW-gerechtigd is niet hetzelfde: de tabelpagina 5,72% en maximaal € 1.513, de samenvattende pagina Heffingskortingen 5,73% en € 1.518. Deze site houdt de tabelpagina aan — die gaat specifiek over deze korting, en haar bedrag is ook het bedrag dat volgt uit het AOW-deel van de korting. Scheelt ongeveer € 5 per jaar; beide pagina’s staan hieronder bij de bronnen.

Jonggehandicaptenkorting

Via werkgever én aangifteWeinig bekend

In het kort

Een vaste korting op je belasting als je recht hebt op Wajong. Hij is € 923 per jaar.

Wat het is

Een vaste korting voor mensen met recht op een Wajong-uitkering of op Wajong-ondersteuning bij het vinden van werk.

Voor wie

Iedereen die een Wajong-uitkering van UWV krijgt, óf er recht op heeft maar hem niet uitbetaald krijgt vanwege andere inkomsten. Niet te combineren met de ouderenkorting.

Bedragen en cijfers 2026

  • € 923 per jaar. AOW-gerechtigd: € 462.

Strategie en stappen

  • Dit is de enige heffingskorting die een werkgever óók mag toepassen als je de loonheffingskorting elders laat lopen. Daar is geen verzoek van jou voor nodig, wel een kopie van de UWV-brief in de loonadministratie.
  • Lever die kopie actief aan. De korting zit niet in de loonbelastingtabellen: de werkgever moet hem handmatig van het tabelbedrag aftrekken (1/12, 1/13, 1/52, 1/260 of 1/4 per tijdvak).

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Juist door die handmatige verwerking wordt de korting in de praktijk regelmatig vergeten. Controleer je loonstrook.

Uitbetaling algemene heffingskorting aan de minstverdienende partner

Via je aangifteMatig bekend

In het kort

Heb je zelf bijna geen inkomen en ben je geboren vóór 1963, dan kan de Belastingdienst je algemene heffingskorting toch uitbetalen. Dat is hoogstens € 3.115 per jaar, als je partner genoeg belasting betaalt.

Wat het is

Heb je zelf (bijna) geen inkomen en dus geen belasting om je korting mee te verrekenen, dan kan de Belastingdienst de algemene heffingskorting toch aan je uitbetalen.

Voor wie

Uitsluitend wie geboren is vóór 1 januari 1963, meer dan zes maanden dezelfde fiscale partner heeft, en van wie die partner voldoende belasting is verschuldigd.

Bedragen en cijfers 2026

  • Tot € 3.115 per jaar.
  • De grens waaronder het speelt ligt rond een box 1-inkomen van € 11.050; boven ongeveer € 11.356 kan er nog gedeeltelijke uitbetaling zijn, afhankelijk van je overige kortingen.

Strategie en stappen

  • Vraag de uitbetaling aan via een voorlopige aanslag of via de aangifte — zonder aangifte komt hij niet.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Kiezen voor “het hele jaar fiscale partners” terwijl je feitelijk minder dan zes maanden partner was, blokkeert juist deze uitbetaling.
  • Het maximum is nooit hoger dan wat je partner na diens eigen heffingskortingen aan belasting betaalt; buitenlands inkomen van de partner telt niet mee.
  • Uitbetaling van de arbeidskorting en de IACK aan de minstverdienende partner is per 2023 volledig vervallen.

Bijzondere verhoging heffingskorting voor niet-premieplichtigen

Via je aangifteWeinig bekend

In het kort

Betaal je geen premies in Nederland, bijvoorbeeld omdat je in het buitenland werkt, dan mis je een deel van je heffingskorting. Ben je geboren vóór 1963 en heb je een partner, dan krijg je een deel alsnog.

Wat het is

Werk je in het buitenland of ben je gemoedsbezwaard, dan mis je normaal de premiedelen van je heffingskorting. Deze regeling geeft die alsnog gedeeltelijk terug.

Voor wie

Je bent niet premieplichtig in Nederland, hebt meer dan zes maanden dezelfde fiscale partner, bent geboren vóór 1963, je belastbaar inkomen in box 1+2+3 (binnen- én buitenland) blijft onder een grens, en je partner is voldoende belasting en premie verschuldigd.

Bedragen en cijfers 2026

  • Inkomensgrens: belastbaar inkomen box 1+2+3 lager dan € 11.356.
  • De verhoging is het verschil tussen het belastingdeel (8,10/35,75) en de volledige heffingskorting — tot enkele duizenden euro’s, sterk situatieafhankelijk.
  • Opbouw van het gecombineerde tarief eerste schijf: belastingdeel 8,10%, AOW 17,90%, Anw 0,10%, Wlz 9,65% — samen 35,75%.

Strategie en stappen

  • Deze verhoging wordt alleen berekend als je online aangifte doet. Op papier of via een adviseur die het veld overslaat, gebeurt er niets.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Dit is een van de meest obscure bepalingen in hoofdstuk 8 van de Wet IB 2001; verwacht niet dat iemand er ongevraagd op wijst.

Werkkostenregeling en cafetariaregeling 14

Vrije ruimte werkkostenregeling

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Je werkgever mag een klein deel van alle lonen samen belastingvrij besteden aan extra’s, zoals een cadeau of een vergoeding. Wat daarin past, kost jou als werknemer geen belasting.

Wat het is

Je werkgever mag een deel van de loonsom belastingvrij uitkeren als vergoeding of verstrekking. Wat daarin past, kost jou als werknemer niets aan belasting.

Voor wie

Alle werknemers met loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. Loon uit vroegere dienstbetrekking mag alleen worden aangewezen als er daarnaast ook loon uit tegenwoordige dienstbetrekking wordt betaald.

Bedragen en cijfers 2026

  • Vrije ruimte 2026: 2,00% van de fiscale loonsom tot en met € 400.000, plus 1,18% over het meerdere.
  • Voor een werkgever met € 1.000.000 loonsom: € 8.000 + € 7.080 = € 15.080 onbelast te besteden.
  • Doelmatigheidsgrens gebruikelijkheidstoets: € 2.400 per persoon per jaar geldt zonder nadere toets als gebruikelijk.
  • Netto voordeel voor jou bij € 2.400: € 858 – € 1.188, afhankelijk van je marginale tarief.

Strategie en stappen

  • De € 2.400-grens is de praktische bovengrens waarover je met je werkgever kunt praten zonder dat er een discussie over gebruikelijkheid ontstaat.
  • Overschrijding van de vrije ruimte kost de werkgever 80% eindheffing — niet jou. Dat is nuttige kennis in het gesprek: het is zijn budget, niet jouw risico.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Altijd loon van de werknemer, dus nooit in de vrije ruimte: de auto van de zaak, een dienstwoning, boetes en strafbeschikkingen, en het rentevoordeel van een personeelslening voor de eigen woning waarvan de rente aftrekbaar is.
  • De aanwijzing moet uiterlijk plaatsvinden op het moment van vergoeden of verstrekken. Achteraf repareren kan niet.

Cafetaria- en keuzebudgetregeling (uitruil van brutoloon)

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Je ruilt een stuk brutoloon, zoals je eindejaarsuitkering, in voor iets wat je werkgever belastingvrij mag geven. Je levert bruto in maar houdt netto meer over; afhankelijk van je inkomen tot zo’n 56,0% van het bedrag.

Wat het is

Je ruilt een stuk brutoloon — dertiende maand, eindejaarsuitkering, vakantiegeld, verlofuren, IKB-budget — in voor iets wat onbelast mag worden vergoed. Je levert bruto in en houdt netto meer over.

Voor wie

Iedere werknemer bij wie de werkgever zo’n regeling aanbiedt, al dan niet via de cao.

Bedragen en cijfers 2026

  • Het voordeel is je marginale druk over het uitgeruilde bedrag. Uitruil verlaagt je loon, dus naast het tarief loopt ook de afbouw van de algemene heffingskorting en de arbeidskorting mee. Doorgerekend: ± 40,2% tussen € 29.736 en € 38.883, ± 42,0% tussen € 38.883 en € 45.592, ± 50,5% tussen € 45.592 en € 78.426, ± 56,0% tussen € 78.426 en € 132.920.
  • Tussen € 45.592 en € 78.426 is uitruil daardoor ruim 50 cent per euro waard — meer dan een lijfrentepremie of gift in datzelfde traject, want een aftrekpost verlaagt je arbeidsinkomen niet.
  • Bij huishoudens rond een toeslaggrens komt daar nog het toeslageffect bij: bij € 40.000 loon kan € 1.000 uitruil € 420 belasting + € 76 kindgebonden budget + eventueel het volledige behoud van zorgtoeslag opleveren.

Strategie en stappen

  • Kijk eerst naar een aanvullende kilometervergoeding. Het Handboek geeft het voorbeeld van 4.280 woon-werkkilometers waarvoor slechts € 0,12/km wordt vergoed. Met het forfait van € 0,25 mag er per kilometer € 0,13 onbelast bij, dus kan € 556,40 van de dertiende maand worden uitgeruild tegen een aanvullende gericht vrijgestelde vergoeding. (Het Handboek rekent nog met de € 0,23 uit de wettekst; zie het bronconflict bij de reiskostenvergoeding.)

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Uitsluiting 1: gereedschappen, computers en mobiele communicatiemiddelen zijn binnen een cafetariaregeling niet gericht vrijgesteld — het noodzakelijkheidscriterium wordt dan niet gehaald.
  • Uitsluiting 2: bij arbovoorzieningen geldt uitruil als een eigen bijdrage; de gerichte vrijstelling vervalt dan volledig.
  • Uitsluiting 3: uitruil verlaagt je loon voor pensioenopbouw, je WW- en WIA-dagloon en soms je hypotheekcapaciteit.
  • De keuze moet gemaakt zijn in het jaar waarin de kosten worden gemaakt; anders is de vergoeding in het volgende jaar niet meer gericht vrijgesteld.

Onbelaste reiskostenvergoeding per kilometer

Via je werkgeverAlgemeen bekend

In het kort

Je werkgever mag je belastingvrij een vast bedrag per kilometer betalen voor reizen voor je werk, ook van huis naar je werk. Dat is € 0,25 per kilometer, met elk vervoermiddel.

Wat het is

Je werkgever mag een vast bedrag per zakelijke kilometer onbelast vergoeden, ook voor woon-werkverkeer, ongeacht het vervoermiddel — auto, motor, fiets of te voet.

Voor wie

Alle werknemers die met eigen vervoer voor het werk reizen.

Bronconflict: wettekst versus een nieuwer besluit

De geconsolideerde wettekst per 1 januari 2026 noemt hier een ander bedrag dan de Belastingdienst hanteert, en dat heeft een reden: er ligt een later gepubliceerd beleidsbesluit overheen dat terugwerkt tot 1 januari 2026. Deze site rekent daarom met het besluit en noemt het bedrag uit de wettekst erbij; beide staan hieronder, met een link naar beide bronnen. Het besluit vervalt op 1 januari 2027 — de vastlegging in de wet loopt via het Belastingplan 2027.

Bronconflict — beide bedragen

Wettekst per 1 januari 2026: € 0,23 per kilometer — art. 31a lid 2 onderdeel a onder 3° Wet LB 1964

Afwijkende bron (leidend op deze site): € 0,25 per kilometer — het beleidsbesluit van 17 mei 2026, dat terugwerkt tot en met 1 januari 2026. Dít bedrag gebruikt de rekentool.

Hier staat niet de gebruikelijke keuze tussen twee lezingen van hetzelfde recht, maar een nieuwer besluit boven een oudere wettekst. De staatssecretaris keurt goed dat een werkgever € 0,25 onbelast vergoedt in plaats van € 0,23, structureel en met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026; de wettelijke verankering loopt via het Belastingplan 2027 en het besluit vervalt op 1 januari 2027. Een goedkeuring die de Belastingdienst zelf toepast is geldend recht, dus rekenen we met € 0,25 en noemen we de wettekst erbij.

Bedragen en cijfers 2026

  • € 0,25 per kilometer onbelast sinds het beleidsbesluit van 17 mei 2026, terugwerkend tot 1 januari 2026. De wettekst noemt nog € 0,23; de cijferbijlage loonheffingen 2026 noemt sinds haar vierde uitgave van 25 juni 2026 (tabel 13) ook € 0,25. Zie het bronconflict hierboven.
  • Rekenvoorbeeld: 25 km enkele reis, 5 dagen per week → 214 × 50 × € 0,25 = € 2.675 onbelast per jaar, ongeveer € 1.005 netto bij 37,56%.

Strategie en stappen

  • Krijg je minder dan € 0,25 vergoed, vraag dan om uitruil via de cafetariaregeling. Het verschil is precies je marginale tarief waard.
  • Werd je dit jaar al vergoed tegen € 0,23? Je werkgever mág over verstreken tijdvakken correctieberichten indienen om de verhoging alsnog te effectueren — het besluit keurt dat uitdrukkelijk goed. Hij hoeft het niet, dus vraag ernaar.
  • Salderingsregeling: hogere en lagere kilometervergoedingen mag je middelen, mits dat vooraf schriftelijk is afgesproken en beide als eindheffingsloon zijn aangewezen. Weinig bekend en direct bruikbaar bij wisselende ritten.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Geen vergoeding voor omrijkilometers uit privéoverwegingen, zoals een kind naar de crèche brengen.
  • Geen vergoeding als de werkgever voor vervoer zorgt: auto of fiets van de zaak, personeelsbus, verstrekte OV-kaartjes.
  • Bij een enkele reis van meer dan 75 km naar een vaste werkplek is nacalculatie verplicht.
  • Vergoedingen boven € 0,25 zijn loon, tenzij ze in de vrije ruimte zijn aangewezen.
  • De verhoging staat in een beleidsbesluit dat op 1 januari 2027 vervalt. Gaat het Belastingplan 2027 er niet doorheen, dan valt het forfait terug op de wettekst.

Vaste reiskostenvergoeding: de 214- en 128-dagenregeling

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Reis je meestal naar dezelfde werkplek, dan mag je werkgever je reiskosten belastingvrij als vast bedrag per maand betalen. Reis je minstens 128 dagen per jaar, dan mag dat alsof je elke werkdag reist.

Wat het is

In plaats van elke rit te declareren mag je werkgever een vast maandbedrag betalen, berekend alsof je een vast aantal dagen per jaar reist — ook als je af en toe niet gaat.

Voor wie

Werknemers die “in de regel” naar een vaste plaats van werkzaamheden reizen. Juist bij deeltijd en hybride werken wordt hier vaak te weinig vergoed.

Bedragen en cijfers 2026

  • Methode 2: reis je minstens 128 dagen per jaar naar kantoor, dan mag de vergoeding worden berekend alsof je 214 dagen reist.
  • Bij deeltijd naar evenredigheid: 3/5 × 214 = 129 dagen; 3/5 × 128 = 76 dagen.
  • Rekenvoorbeeld uit het Handboek, met het verhoogde forfait: 3 dagen kantoor, 25 km enkele reis → 129 × 50 × € 0,25 = € 1.612,50 per jaar (€ 134,38 per maand).

Strategie en stappen

  • Werk je hybride en krijg je per gereisde dag vergoed, reken dan de vaste variant door. De 128/214-verhouding betekent dat je voor dagen die je niet reist toch vergoeding krijgt.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Bij methode 1 mag de vaste vergoeding maximaal zes aaneengesloten weken afwezigheid doorlopen; bij verwachte langdurige afwezigheid nog de lopende plus de eerstvolgende kalendermaand.
  • “In de regel” vervalt als je meer dan twee aaneengesloten maanden niet reist.
  • Bij wijziging van reisafstand, deeltijdfactor of in- en uitdiensttreding moet naar tijdsgelang worden herrekend.

Thuiswerkvergoeding per thuisgewerkte dag

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Werk je thuis, dan mag je werkgever je per thuiswerkdag belastingvrij een vast bedrag geven voor koffie, stroom en verwarming. Dat is € 2,45 per dag.

Wat het is

Voor koffie, verwarming, elektriciteit, wc-papier en de slijtage van je bureaustoel thuis mag je werkgever een vast bedrag per thuiswerkdag onbelast vergoeden.

Voor wie

Iedere werknemer die (deels) thuiswerkt. Ook bij een halve thuiswerkdag geldt het volle bedrag.

Bronconflict: wettekst versus belastingdienst.nl

Bij deze regeling wijkt de geconsolideerde wettekst per 1 januari 2026 af van een pagina van de Belastingdienst. Deze site publiceert het bedrag uit de wettekst en noemt het afwijkende bedrag erbij; beide staan hieronder, met een link naar beide bronnen. Zit je precies op zo’n grens, houd dan de laagste waarde aan of zoek vooroverleg met de Belastingdienst.

Bronconflict — beide bedragen

Wettekst per 1 januari 2026 (leidend op deze site): € 2,45 per thuisgewerkte dag (cijferbijlage 4e uitgave, juni 2026)

Afwijkende bron: € 2,40 — nog gebruikt in de rekenvoorbeelden in het Handboek Loonheffingen 2026, § 23.1.2

Het rapport hanteert € 2,45: dat is het bijgewerkte bedrag uit de cijferbijlage (sinds de derde uitgave van maart 2026; de vierde van juni 2026 noemt hetzelfde). De € 2,40 in de Handboekvoorbeelden is een niet-bijgewerkt bedrag uit 2025.

Bedragen en cijfers 2026

  • € 2,45 per thuisgewerkte dag onbelast.
  • Twee dagen per week thuis: 2/5 × 214 = 86 dagen × € 2,45 = € 210,70 per jaar.
  • Vier dagen per week thuis: 4/5 × 214 = 171 dagen ≈ € 419 per jaar.

Strategie en stappen

  • Vraag je werkgever om de thuiswerkdagen en de kantoordagen apart te administreren. Dat is de voorwaarde om beide vergoedingen naast elkaar te kunnen krijgen binnen hetzelfde jaar.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Niet te combineren met de reiskostenvrijstelling op dezelfde dag. Ook niet als je die dag een OV-abonnement, mobiliteitskaart, auto of fiets van de zaak daadwerkelijk gebruikt voor de rit naar een vaste werkplek.
  • Een dienstreis (dus geen woon-werkverkeer) mag wél samengaan met de thuiswerkvergoeding op dezelfde dag.

Arbovoorzieningen: onbelast, ook thuis

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Wat je werkgever volgens de Arbowet moet regelen voor je gezondheid, zoals een goede bureaustoel, mag hij belastingvrij geven. Dat geldt ook voor je werkplek thuis, en er is geen maximum.

Wat het is

Alles wat je werkgever op grond van de Arbowet moet regelen voor je veiligheid en gezondheid mag onbelast worden vergoed of verstrekt — ook in je werkkamer thuis.

Voor wie

Alle werknemers, inclusief thuiswerkers.

Bedragen en cijfers 2026

  • Onbeperkt in bedrag, geen normbedrag. Denk aan een ergonomische bureaustoel, zit-sta-bureau, beeldschermbril, voetenbankje, veiligheidsbril met sterkte, EHBO-cursus, verplichte medische keuring en aanstellingskeuring.
  • Praktisch: € 300 – € 1.500 eenmalig.

Strategie en stappen

  • Omdat er geen normbedrag is, is dit de ruimste gerichte vrijstelling die er voor thuiswerkers bestaat. Vraag om verstrekking, niet om uitruil.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Je mag géén eigen bijdrage betalen — ook uitruil tegen brutoloon telt als eigen bijdrage en laat de vrijstelling vervallen. Dit gaat in cafetariaregelingen stelselmatig mis.
  • Bij een luxere uitvoering (duurder montuur, duurdere stof) is het meerdere belast.
  • Stoelmassage en de cursus stoppen met roken vallen sinds 1-1-2022 niet meer generiek onder de arbovrijstelling; per individueel geval kan het nog wel.

Noodzakelijke laptop, telefoon en internet

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Heb je een laptop, telefoon of internet nodig voor je werk, dan mag je werkgever die belastingvrij geven of betalen. Dat mag ook als je ze privé gebruikt.

Wat het is

Laptop, telefoon, tablet, software, internetabonnement — als je werkgever vindt dat je die nodig hebt voor je werk, is het onbelast, ook al gebruik je het privé.

Voor wie

Alle werknemers. Voor bestuurders en commissarissen ligt de bewijslast bij de werkgever.

Bedragen en cijfers 2026

  • De volledige waarde van het apparaat en het abonnement is onbelast.
  • Bij een laptop van € 1.500 plus een telefoonabonnement van € 30 per maand: € 1.860 onbelast, ongeveer € 700 netto.

Strategie en stappen

  • Bij een 3-in-1-pakket (internet, tv, bellen) mag alleen het internetdeel gericht vrijgesteld worden vergoed. Vraag je provider om een gespecificeerde factuur.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Het noodzakelijkheidscriterium vereist teruggave of vergoeding van de restwaarde zodra je de voorziening niet meer nodig hebt.
  • Niet binnen een cafetariaregeling — daar wordt het criterium niet gehaald.
  • Een eigen bijdrage voor privégebruik mag wel, maar als die uit brutoloon wordt uitgeruild, vervalt de gerichte vrijstelling voor dat deel.

Studie en opleiding via de werkgever — ook voor ex-werknemers

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Je werkgever mag een opleiding, cursus of vakboek belastingvrij betalen, ook als je er al niet meer werkt. Er is geen maximum.

Wat het is

Je werkgever mag een opleiding, cursus, congres, vakliteratuur, beroepsregisterinschrijving en outplacement onbelast betalen.

Voor wie

Werknemers en ex-werknemers. Sinds 1-1-2021 geldt de vrijstelling ook voor scholing die loon uit vroegere arbeid vormt.

Bedragen en cijfers 2026

  • Geen maximum. De volledige studiekosten kunnen onbelast worden vergoed.
  • Een MBA of postmaster van € 15.000 – € 50.000 kan zo volledig onbelast — het waardevolste onderdeel van dit hele domein voor wie ervoor in aanmerking komt.

Strategie en stappen

  • Een scholingsbudget dat je na afloop van je dienstverband mag opmaken, blijft onbelast — ook als je inmiddels zelfstandige bent of ergens anders werkt. Dit is precies het gat dat de afgeschafte studiekostenaftrek en STAP achterlaten.
  • Moest je bij ontslag studiekosten terugbetalen? Voor jou is dat geen negatief loon, maar een nieuwe werkgever kan die terugbetaling wél gericht vrijgesteld vergoeden in het jaar van terugbetaling. Neem dat mee in je onderhandeling.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Drie eisen: de kosten worden niet al door een ander vergoed, de studie is gericht op het vervullen van een beroep in de toekomst, en de vergoeding is toegezegd vóór het einde van het kalenderjaar waarin de kosten zijn gemaakt.
  • Vergoedingen voor een studeerruimte en de inrichting vallen er niet onder, tenzij het een arbovoorziening is.
  • Een gratificatie bij het behalen van je diploma is wél belast, ook als het bedrag op de studiekosten is afgestemd.

Verhuiskostenvergoeding bij verhuizen voor je werk

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Verhuis je voor je werk, dan mag je werkgever je € 7.750 belastingvrij geven. Daarnaast mag hij de echte kosten van het verhuizen van je spullen belastingvrij betalen.

Wat het is

Verhuis je voor je werk, dan mag je werkgever een vast bedrag onbelast geven, bovenop de werkelijke kosten van het overbrengen van je inboedel.

Voor wie

Werknemers die binnen twee jaar na een nieuwe baan of overplaatsing verhuizen, ten minste 25 km van het werk woonden en door de verhuizing de afstand met minstens 60% verkleinen.

Bedragen en cijfers 2026

  • € 7.750 vast, plus de werkelijke kosten van het overbrengen van de inboedel (in de praktijk vaak € 2.000 – € 6.000).
  • Netto voordeel bij 37,56% op alleen het vaste bedrag: ruim € 2.900.

Strategie en stappen

  • Dat het vaste bedrag naast de boedelkosten komt, is weinig bekend. Vraag beide expliciet aan, niet één bedrag “voor de verhuizing”.
  • De 25 km/60%-toets is een veilige haven, geen absolute eis: er moet “voldoende verband met de dienstbetrekking” zijn. Ook bij het einde van een dienstwoning kan het spelen.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Aan- en verkoopkosten van woningen zijn uitgesloten en blijven loon.

Maaltijden, verblijf en de CAO Rijk-bedragen voor dienstreizen

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Eet of slaap je ergens anders voor je werk, zoals op een dienstreis, dan mag je werkgever die kosten belastingvrij vergoeden. Voor een maaltijd in de kantine telt een klein vast bedrag als loon.

Wat het is

Eten en overnachten tijdens dienstreizen mag onbelast worden vergoed; voor een maaltijd op kantoor geldt een normbedrag.

Voor wie

Ambulante werknemers, mensen op dienstreis, werknemers die door overwerk niet thuis kunnen eten, koopavonden, therapeutisch mee-eten, en werk aan boord van vliegtuigen, schepen, boorplatforms en kermiswagens.

Bedragen en cijfers 2026

  • Maaltijd in de bedrijfskantine of tijdens een feest op de werkplek: € 4,05 per ontbijt, lunch of diner (bijtelling; een eigen bijdrage tot € 4,05 neutraliseert dit volledig).
  • Huisvesting of inwoning op de werkplek: € 7,00 per dag.
  • CAO Rijk, binnenlandse dienstreis — gericht vrijgesteld tot: kleine uitgaven overdag € 6,56, kleine uitgaven ’s avonds € 13,12, ontbijt € 16,07, lunch € 12,97, avondmaaltijd € 32,56, logies € 162,74.

Strategie en stappen

  • De CAO Rijk-bedragen mogen ook door niet-Rijkswerkgevers worden gehanteerd, mits je vanuit kostenoogpunt in vergelijkbare omstandigheden verkeert. Dat is een van de grootste onbenutte posten voor werkgevers met veel dienstreizen — en het is aan jou om ernaar te vragen.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Uitzondering: de CAO Rijk-vergoeding van € 11,34 voor niet-aannemelijk gemaakte overnachtingen is niet gericht vrijgesteld.
  • Het 20-dagencriterium bepaalt of je ambulant bent; daarna moet het normbedrag worden toegepast.

Personeelskorting op producten uit eigen bedrijf

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Verkoopt je werkgever zelf iets, dan mag je daar belastingvrij korting op krijgen. Dat is hoogstens 20% per product en € 500 per jaar.

Wat het is

Korting op wat je werkgever zelf verkoopt, tot een vast maximum onbelast.

Voor wie

Werknemers én postactieve werknemers (gepensioneerden, arbeidsongeschikten) van dezelfde werkgever of een verbonden vennootschap met een belang van ten minste een derde.

Na 2026

Voorstel Belastingplan 2027, nog geen wet: De gerichte vrijstelling waarmee je werkgever je belastingvrij korting geeft op zijn eigen producten, vervalt. Korting blijft mogelijk, maar dan ten laste van de vrije ruimte van de werkkostenregeling; gaat je werkgever daar overheen, dan betaalt híj de eindheffing. Over 2026 geldt de vrijstelling nog. Bronnen: Ministerie van Financiën — factsheetbundel pakket Belastingplan 2027 (pdf) · Adviescollege toetsing regeldruk — brief over het afschaffen van de vrijstelling voor branche-eigen producten

Meer in de vooruitblik: alle voorstellen uit het Belastingplan 2027.

Bedragen en cijfers 2026

  • Maximaal 20% van de waarde per product, met een jaarmaximum van € 500.
  • Netto voordeel tot ongeveer € 188.

Strategie en stappen

  • Ben je met pensioen of arbeidsongeschikt geworden bij een werkgever met een winkel of productlijn? De korting loopt door. Voor postactieven is dit verplicht eindheffingsloon voor de werkgever, dus het kost jou niets.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Producten mogen niet branchevreemd zijn.
  • Een ongebruikt deel schuift niet door naar een volgend jaar.

Nihilwaarderingen op de werkplek

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Koffie, fruit, je bureau en een fitnessruimte op je werk tellen niet als loon. Je betaalt er dus geen belasting over.

Wat het is

Wat je op je werkplek gebruikt of opdrinkt, telt niet als loon en gaat ook niet ten koste van de vrije ruimte.

Voor wie

Alle werknemers die de betreffende werkplek gebruiken.

Bedragen en cijfers 2026

  • Op nihil gewaardeerd: koffie, thee, fruit en tussendoortjes; bureau en kopieermachine; fitnessruimte op de werkplek; ter beschikking gestelde werkkleding inclusief reinigingskosten; parkeergelegenheid waarvoor de werkgever arboverantwoordelijk is; huisvesting op de werkplek waaraan je je redelijkerwijs niet kunt onttrekken; een personeelsfeest op de werkplek; en het rentevoordeel van een personeelslening voor een (elektrische) fiets of elektrische scooter.
  • Werkkleding vereist: (bijna) alleen geschikt voor het werk, óf een logo van ten minste 70 cm² per kledingstuk, óf achterblijven op de werkplek, óf uniform of overall, óf arboverplicht.

Strategie en stappen

  • Een personeelsfeest op de werkplek is nihil gewaardeerd; hetzelfde feest bij een derde op een externe locatie is loon dat in de vrije ruimte moet worden aangewezen. Dat verschil kan de hele vrije ruimte van een klein bedrijf opeten.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Nihilwaardering geldt alleen voor loon in natura, nooit voor een vergoeding in geld.
  • Sinds 2025 geen nihilwaardering meer als je je eigen auto in je vrije tijd op de werkplek parkeert met meer dan een beperkt privévoordeel, en niet voor het opladen van je eigen elektrische auto op het werk.
  • Voor een werkruimte thuis als “werkplek” gelden strenge eisen: een zelfstandig deel, eigen opgang en sanitair, en een reële huurovereenkomst.

Werkhubs: een flexplek bij jou in de buurt

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Huurt je werkgever een flexplek voor je dicht bij huis, dan is dat geen loon voor jou. Je betaalt er dus geen belasting over.

Wat het is

Huurt je werkgever een flexplek in een deelkantoor bij jou in de buurt, dan is dat geen loon voor jou.

Voor wie

Hybride werkende werknemers.

Bedragen en cijfers 2026

  • De volledige huurkosten van de werkhub zijn geen loon, ook als jij ze voorschiet en declareert: het zijn intermediaire kosten.

Strategie en stappen

  • Dit staat pas sinds kort in het Handboek. Als jouw werkgever geen werkhubbeleid heeft, is dit een concreet en goed onderbouwd voorstel om te doen.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Op een werkhubdag mag je géén thuiswerkvergoeding krijgen als je die dag naar een vaste plaats van werkzaamheden reist.

Vrijwilligersregeling

Via je werkgeverAlgemeen bekend

In het kort

Doe je vrijwilligerswerk, bijvoorbeeld bij een sportclub of een goed doel, dan mag je een kleine vergoeding belastingvrij krijgen. Dat is hoogstens € 2.200 per jaar, met ook een grens per maand.

Wat het is

Vrijwilligerswerk voor een niet-Vpb-plichtige organisatie, sportvereniging of ANBI mag onbelast worden vergoed tot een vast maximum.

Voor wie

Vrijwilligers — dus geen beroepsmatige werkzaamheden.

Bedragen en cijfers 2026

  • € 2.200 per kalenderjaar en € 220 per maand.
  • Uurnormen: € 5,75 (21 jaar en ouder) en € 3,40 (jonger dan 21).

Strategie en stappen

  • Spreid de uitbetaling. Het maandmaximum van € 220 is de scherpste rand: wie in twee maanden € 250 krijgt en de rest van het jaar niets, valt buiten de regeling ondanks een jaartotaal ver onder € 2.200.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Kostenvergoedingen, inclusief reiskosten, tellen mee in het maandmaximum.
  • Een hogere uurvergoeding dan € 5,75 kan nog steeds niet-marktconform zijn, maar dan ligt de bewijslast bij de organisatie.
  • Bij een uitkering kan de vergoeding worden gekort; bij de Participatiewet niet.

Auto, fiets en vervoer 9

Bijtelling privégebruik auto van de zaak

Via je werkgeverAlgemeen bekend

In het kort

Rijd je privé in een auto van de zaak, dan telt een deel van de nieuwprijs mee als loon. Meestal is dat 22% per jaar; bij een elektrische auto minder.

Wat het is

Rijd je privé in een auto van de zaak, dan telt de fiscus een percentage van de cataloguswaarde bij je loon op.

Voor wie

Iedere werknemer met een ter beschikking gestelde personenauto.

Bronconflict: wettekst versus belastingdienst.nl

Bij deze regeling wijkt de geconsolideerde wettekst per 1 januari 2026 af van een pagina van de Belastingdienst. Deze site publiceert het bedrag uit de wettekst en noemt het afwijkende bedrag erbij; beide staan hieronder, met een link naar beide bronnen. Zit je precies op zo’n grens, houd dan de laagste waarde aan of zoek vooroverleg met de Belastingdienst.

Na 2026

Voorstel Belastingplan 2027, nog geen wet: Het hogere bijtellingsregime voor oude auto’s op basis van de dagwaarde gaat niet in één stap naar 25 jaar: de leeftijdsgrens wordt 17 jaar in 2027 en 20 jaar in 2028. Bronnen: Tweede Kamer — kamerstuk 37 022: wetsvoorstel en memorie van toelichting · Rijksoverheid — nieuwsbericht Belastingplan 2027 (15 september 2026)

Meer in de vooruitblik: alle voorstellen uit het Belastingplan 2027.

Bronconflict — beide bedragen

Wettekst per 1 januari 2026 (leidend op deze site): De korting van 4% voor nulemissieauto’s bestaat in 2026, met een maximum van € 1.200 (art. 13bis lid 2 Wet LB 1964, toestand 1-1-2026)

Afwijkende bron: De Nieuwsbrief Loonheffingen 2026, uitgave 1 (17-11-2025, punt 8) meldde dat de verlaagde bijtelling per 1-1-2026 zou vervallen

Die eerste nieuwsbrief is achterhaald. Zowel de wettekst per 1-1-2026 als de cijferbijlage van 3 maart 2026 en het Handboek van maart 2026 geven de korting wél. Deze site volgt de wettekst en de latere publicaties.

SituatieBijtelling 2026
Algemeen, datum 1e toelating vanaf 1-1-201722%
Algemeen, datum 1e toelating vóór 1-1-201725%
Auto ouder dan 16 jaar35% van de waarde in het economische verkeer
Nulemissie, 1e toelating 202618% tot € 30.000 grondslag, 22% daarboven
Nulemissie, 1e toelating 202517% tot € 30.000, 22% daarboven
Nulemissie, 1e toelating 2024 of 202316% tot € 30.000, 22% daarboven
Nulemissie, 1e toelating 202216% tot € 35.000, 22% daarboven
Nulemissie, 1e toelating 2021, binnen 60-maandentermijn12% tot € 40.000, 22% daarboven
Nulemissie, 1e toelating 2021, ná de 60-maandentermijn18% tot € 30.000, 22% daarboven
Nulemissie, 1e toelating 2017 t/m 202018% tot € 30.000, 22% daarboven
Waterstof- en zonnecelauto’slaagste percentage over de hele grondslag — geen cap

Bedragen en cijfers 2026

  • De korting bedraagt 4% van de waarde, met een maximum van € 1.200 aan korting.
  • Op een elektrische auto van € 40.000 met eerste toelating in 2026 scheelt dat € 1.200 bijtelling, ofwel € 450 – € 594 netto per jaar ten opzichte van een fossiele auto.

Strategie en stappen

  • Waterstof- en zonnecelauto’s kennen de cap van € 30.000 niet: daar geldt het lage percentage over de hele grondslag. Bij een dure auto is dat het grootste verschil in de tabel.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • De bijtelling telt mee voor het toetsingsinkomen voor toeslagen. Bij een auto van € 45.000 en 22% stijgt je toetsingsinkomen met € 9.900 — genoeg om zorgtoeslag en een fors deel kindgebonden budget te verspelen. Voor een huishouden rond de toeslaggrenzen kan een auto van de zaak netto negatief uitpakken.
  • De auto van de zaak is altijd loon van de werknemer en nooit aan te wijzen in de vrije ruimte.
  • Een eigen bijdrage voor privégebruik komt in mindering, maar de bijtelling kan niet negatief worden.

De 500-kilometergrens en de Verklaring geen privégebruik auto

Aparte aanvraagAlgemeen bekend

In het kort

Rijd je met de auto van de zaak niet meer dan 500 kilometer per jaar privé, dan telt er niets mee als loon. Woon-werkverkeer telt daarbij niet als privé, en je bewijst het met een rittenregistratie.

Wat het is

Rijd je met de auto van de zaak niet meer dan 500 privékilometers per jaar, dan is er geen bijtelling.

Voor wie

Werknemers met een auto van de zaak die hem vrijwel niet privé gebruiken. Let op: woon-werkverkeer telt niet als privé — de 500 km gaat echt alleen over privéritten.

Bedragen en cijfers 2026

  • Je bespaart de volledige bijtelling. Bij een auto van € 45.000 en 22%: € 9.900 minder belastbaar loon, ongeveer € 3.700 – € 4.900 netto per jaar.
  • Boete bij het niet direct doorgeven van wijzigingen: maximaal € 6.709.

Strategie en stappen

  • Drie bewijsroutes: een sluitende rittenregistratie, vrije bewijsleer, of een Verklaring geen privégebruik auto (aan te vragen met DigiD). De verklaring geldt voor onbepaalde tijd.
  • Vraag hem vroeg in het jaar aan. De verklaring werkt pas vanaf het eerstvolgende loontijdvak; al verstreken tijdvakken kunnen niet worden gecorrigeerd.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Wordt de verklaring ten onrechte gebruikt, dan volgt de naheffing bij jou — loonbelasting, premies werknemersverzekeringen én bijdrage Zvw, eventueel met belastingrente en boete. Naheffen kan tot vijf jaar na afloop van het kalenderjaar.
  • Een werkgever die weet dat je meer rijdt, moet de verklaring negeren.

Bestelauto van de zaak

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Heb je een bestelbus van de zaak, dan telt er in een paar gevallen niets mee als loon. Bijvoorbeeld als privégebruik verboden is, of als de bus alleen geschikt is voor vervoer van goederen.

Wat het is

Voor bestelbussen gelden soepeler regels dan voor personenauto’s: er zijn vier routes naar geen bijtelling.

Voor wie

Werknemers met een bestelauto.

Bedragen en cijfers 2026

  • Geen bijtelling bij: (a) een schriftelijk vastgelegd, gecontroleerd en gesanctioneerd verbod op privégebruik; (b) een bestelauto die buiten werktijd niet gebruikt kan worden; (c) een bestelauto die door aard of inrichting (nagenoeg) uitsluitend geschikt is voor goederenvervoer; of (d) een Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto.
  • Bij doorlopend afwisselend gebruik door meerdere werknemers betaalt de werkgever een eindheffing van € 451 per jaar per bestelauto.

Strategie en stappen

  • Bij een Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik geldt een vereenvoudigde rittenregistratie — aanzienlijk minder werk dan de volledige variant.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Het privégebruikverbod vergt vier cumulatieve elementen: schriftelijke vastlegging, bewaring bij de loonadministratie, voldoende toezicht en een passende sanctie. Ontbreekt het toezicht, dan valt de hele constructie om.

Fiets van de zaak — en wanneer de bijtelling nul is

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Een fiets of e-bike van de zaak telt voor 7% van de nieuwprijs per jaar mee als loon. In een paar gevallen is dat nul.

Wat het is

Een (elektrische) fiets van de zaak kost een percentage van de adviesprijs per jaar aan bijtelling. Onder omstandigheden is die bijtelling nul.

Voor wie

Werknemers met een ter beschikking gestelde fiets, e-bike of speed pedelec.

Bedragen en cijfers 2026

  • Bijtelling 7% van de door fabrikant of importeur publiek gemaakte consumentenadviesprijs inclusief btw.
  • Bij een e-bike van € 3.000: bijtelling € 210 per jaar, dus € 79 – € 104 belasting per jaar voor het gebruik van een fiets van € 3.000.
  • Bij aanschaf via uitruil van brutoloon: € 1.500 uitgeruild = € 563 – € 743 netto voordeel.

Strategie en stappen

  • Bijtelling nihil voor een fiets die niet of slechts bijkomstig (ten hoogste 10%) bij je woon- of verblijfadres wordt gestald — bijvoorbeeld een OV-fiets of hubfiets voor het traject station–werkplek. Deze aanpassing werkt terug tot 1 januari 2020: over eerdere jaren kan dus nog worden gecorrigeerd.
  • Voor een IB-ondernemer met een fiets op de zaak geldt dezelfde regel: staat de fiets niet meer dan bijkomstig thuis, dan is de onttrekking nihil (art. 3.20a lid 5 Wet IB 2001).
  • Combineer die nihilbijtelling met een OV-abonnement van de zaak en € 0,25/km voor het voor- en natransport. Alle drie zijn gericht vrijgesteld of nihil gewaardeerd, mits de fiets niet thuis wordt gestald.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Er is géén tegenbewijs bij gering privégebruik — anders dan bij de auto.
  • Bij een ter beschikking gestelde fiets mag de werkgever geen kilometervergoeding meer geven. Bij een vergoede of verstrekte fiets (jij wordt eigenaar) mag dat wél, tot € 0,25/km.
  • Het rentevoordeel van een renteloze personeelslening voor een (elektrische) fiets of elektrische scooter is op nihil gewaardeerd, ook binnen een cafetariaregeling.

OV-abonnement en mobiliteitskaart van de zaak

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Gebruik je een ov-abonnement van de zaak ook voor je werk, dan is het helemaal belastingvrij. Je mag er dan ook privé mee reizen zonder dat het loon wordt.

Wat het is

Een OV-abonnement of mobiliteitskaart van de zaak is volledig onbelast zodra je hem óók zakelijk gebruikt. Het privégebruik is dan gratis meegenomen.

Voor wie

Alle werknemers met zakelijke reizen of woon-werkverkeer per openbaar vervoer.

Bedragen en cijfers 2026

  • Een NS-jaarabonnement van € 3.000 – € 4.500 volledig onbelast, inclusief onbeperkt privégebruik.
  • Netto voordeel: € 1.100 – € 2.200 per jaar.

Strategie en stappen

  • De mate van privégebruik is uitdrukkelijk niet van belang. Zodra je de kaart ook zakelijk gebruikt, is de hele verstrekking gericht vrijgesteld — dit is het best bewaarde geheim van het vervoershoofdstuk.
  • Sinds 2025 geldt de vrijstelling ook voor buitenlands OV.
  • Naast een verstrekt vervoerbewijs mag nog steeds € 0,25/km voor het voor- en natransport naar station of halte.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • De vrijstelling geldt niet voor gedeclareerde privéreizen met een privéreisproduct zonder recht op vrij reizen of korting.
  • Wordt het recht op vrij reizen helemaal niet zakelijk gebruikt, dan is de factuurwaarde loon.

Reisaftrek openbaar vervoer

Via je aangifteWeinig bekend

In het kort

Reis je met het openbaar vervoer naar je werk en betaalt je werkgever dat niet of maar een deel, dan mag je een vast bedrag aftrekken. Het hangt af van je afstand en is hoogstens € 2.649 per jaar.

Wat het is

Reis je met eigen geld per OV naar je werk en vergoedt je werkgever dat niet of niet volledig, dan mag je een vast bedrag aftrekken in je aangifte.

Voor wie

Je enkele reis per OV is meer dan 10 km, je reist minstens één dag per week of minimaal 40 dagen per jaar naar dezelfde werkplek, en je gaat heen en terug binnen 24 uur.

Enkele reis meer dantot en metAftrek per jaar (4 dagen of meer per week)
10 km15 km€ 574
15 km20 km€ 762
20 km30 km€ 1.268
30 km40 km€ 1.572
40 km50 km€ 2.047
50 km60 km€ 2.279
60 km70 km€ 2.527
70 km80 km€ 2.614
80 km—€ 2.649

Bedragen en cijfers 2026

  • Bij 3, 2 of 1 dag per week: driekwart, de helft of een kwart van het tabelbedrag.
  • Bij een reisafstand van meer dan 90 km: € 0,29 per kilometer × aantal reisdagen, met een maximum van € 2.649 per jaar.

Strategie en stappen

  • Vraag tijdig een openbaarvervoerverklaring bij het vervoerbedrijf of een reisverklaring bij je werkgever. NS bewaart reisgegevens maar 18 maanden — download ze op tijd.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Transactieoverzichten van een anonieme OV-chipkaart worden niet geaccepteerd.
  • Elke ontvangen reiskostenvergoeding gaat er integraal vanaf, óók een aan het eind van het jaar tegen de eindejaarsuitkering uitgeruilde vergoeding voor woon-werkverkeer.
  • Zorgt je werkgever voor vervoer, dan is er geen aftrek, tenzij je een aanzienlijke bijdrage van minimaal 70% van de kostprijs van de OV-kaart betaalt.

Carpoolen: wie het organiseert bepaalt de vergoeding

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Rijd je collega’s mee naar je werk, dan hangt de belastingvrije kilometervergoeding af van wie het carpoolen regelt: je werkgever of jullie zelf. Regelen jullie het zelf, dan krijgt elke meerijder de vergoeding.

Wat het is

Rijd je collega’s mee naar het werk, dan hangt de onbelaste vergoeding volledig af van wie het carpoolen regelt.

Voor wie

Werknemers die met eigen auto of auto van de zaak collega’s meenemen.

Bedragen en cijfers 2026

  • Organiseert de werkgever het carpoolen: alleen de chauffeur krijgt € 0,25/km, inclusief omrijkilometers; de meerijders krijgen niets (vervoer vanwege de werkgever).
  • Regel je het zelf als werknemers: iedere meerijder krijgt € 0,25/km voor de eigen woon-werkafstand, maar de chauffeur krijgt geen vergoeding voor omrijkilometers.
  • Bij vier personen à 30 km enkele reis levert de tweede route ruim € 5.900 onbelast op voor de groep, tegenover ongeveer € 2.500 voor de eerste.

Strategie en stappen

  • Zelf organiseren is voor de groep bijna altijd fors gunstiger. Dit is een van de weinige plekken waar de fiscale uitkomst puur van de organisatievorm afhangt.
  • Rijdt de chauffeur in een auto van de zaak en besluit hij zelf collega’s mee te nemen, dan mogen die collega’s wél € 0,25/km krijgen.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Een belangstellingsregistratie bijhouden of vragen hoe men het geregeld heeft, geldt niet als “zelf organiseren” door de werkgever. Dat onderscheid bepaalt hier duizenden euro’s.

Parkeren, laadpalen en je garage verhuren aan je werkgever

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Parkeren en het laden van je auto zijn soms belastingvrij en soms loon. Dat hangt af van waar je parkeert en of het een auto van de zaak is.

Wat het is

Parkeerkosten en laadpalen zijn soms onbelast en soms loon — afhankelijk van waar je parkeert en voor welk vervoermiddel.

Voor wie

Werknemers met een eigen auto of een auto van de zaak.

Bedragen en cijfers 2026

  • Eigen vervoermiddel: parkeren bij je woning is altijd belast. Parkeren op of bij de werkplek is nihil gewaardeerd als de werkgever daarvoor aansprakelijk kan worden gesteld. Elders (parkeerkaart bij een klant) is het loon voor zover het samen met de kilometervergoeding boven € 0,25/km uitkomt.
  • Vervoermiddel van de zaak: een parkeervergunning op kenteken of een stalling die uitsluitend voor de zakenauto is bestemd, is een intermediaire kostenpost en dus geen loon. Een vergunning op naam die ook voor andere voertuigen bruikbaar is, is wél loon.
  • Laadpaal thuis voor je eigen elektrische auto: alleen onbelast voor zover het binnen € 0,25/km past; elektriciteit en aanpassingen zoals een extra groep of tussenmeter tellen daarin mee.

Strategie en stappen

  • Garage verhuren aan je werkgever: gebruik je je garage uitsluitend voor de auto van de zaak, dan is er sprake van een reële verhuursituatie en mag je werkgever je onbelast huur betalen. Dit is weinig bekend en structureel toepasbaar.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Vraag altijd om een vergunning op kenteken in plaats van op naam; dat verschil bepaalt of het loon is.

Reiskosten voor periodiek gezinsbezoek en zeevarenden

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Woon je voor je werk tijdelijk ergens anders, dan is de reis om je gezin te bezoeken een zakelijke reis. Je werkgever mag die belastingvrij vergoeden: met eigen vervoer € 0,25 per kilometer.

Wat het is

Woon je door je werk elders — op kamers of intern — en bezoek je periodiek je gezin, dan is die reis fiscaal een zakelijke reis.

Voor wie

Werknemers met een tweede verblijfplaats vanwege het werk, en zeevarenden.

Bedragen en cijfers 2026

  • € 0,25/km bij eigen vervoer; werkelijke kosten bij taxi, boot of vliegtuig.
  • Voor zeevarenden: € 0,25/km tussen wal en ligplaats, en — als het schip kort in een haven tussen Duinkerken en Hamburg ligt — ook voor reizen van partner en kinderen.

Strategie en stappen

  • Vraag hier expliciet naar; het staat zelden in een personeelshandboek.

Aftrekposten in box 1 9

Uitgaven voor specifieke zorgkosten

Via je aangifteAlgemeen bekend

In het kort

Betaal je zelf medische kosten die niet vergoed worden, zoals een hulpmiddel of dieet, dan mag je een deel aftrekken. Dat mag boven een drempel; bij een laag inkomen mag je zelfs meer aftrekken dan je betaalde.

Wat het is

Medische kosten die je zelf betaalt en nergens vergoed krijgt, mag je aftrekken zodra ze boven een drempel uitkomen. Bij een laag inkomen mag je zelfs méér aftrekken dan je hebt betaald.

Voor wie

Kosten voor jezelf, je fiscale partner, je kinderen jonger dan 27 die de kosten niet zelf kunnen betalen, ernstig gehandicapten van 27 jaar en ouder met wie je in gezinsverband woont, en inwonende ouders, broers of zussen die van je zorg afhankelijk zijn.

Voorbehoud

De volledige dieetlijst 2026 (ongeveer honderd ziektebeeld-dieetcombinaties) is in het onderzoek niet integraal overgenomen. Alleen de kop van de tabel en enkele bedragen zijn geverifieerd; de volledige tabel staat in Fiscale informatie 2026, hoofdstuk 17, bijlage I.

Na 2026

Voorstel Belastingplan 2027, nog geen wet: Over 2026 en 2027 kun je specifieke zorgkosten nog aftrekken; vanaf 2028 niet meer. Het kabinet wil in de tussentijd een gerichte compensatie voor chronisch zieken uitwerken. Hoe die eruitziet, staat nog niet vast. Bronnen: Tweede Kamer — kamerstuk 37 022: wetsvoorstel en memorie van toelichting · Rijksoverheid — nieuwsbericht Belastingplan 2027 (15 september 2026)

Meer in de vooruitblik: alle voorstellen uit het Belastingplan 2027.

Bedragen en cijfers 2026

  • Verhoging: bij een (gezamenlijk) drempelinkomen van niet meer dan € 41.123: +40% (onder AOW-leeftijd op 1 januari) of +113% (AOW-leeftijd bereikt op 1 januari; heeft één partner de AOW-leeftijd, dan geldt het hoge percentage voor beiden). Genees- en heelkundige hulp en reiskosten ziekenbezoek tellen niet mee in de verhoging.
  • Drempel alleenstaand: tot en met € 9.680 → € 166; € 9.680 – € 51.411 → 1,65% van het drempelinkomen; boven € 51.411 → € 848 + 5,75% van het meerdere.
  • Drempel met partner: tot en met € 19.360 → € 332; € 19.360 – € 51.411 → 1,65%; boven € 51.411 → € 848 + 5,75% van het meerdere.
  • Vervoer naar medische behandeling: € 0,25 per kilometer met de eigen auto; werkelijke kosten bij taxi of OV. Art. 6.17 lid 6 Wet IB noemt per 1-1-2026 nog € 0,23; het beleidsbesluit van 17 mei 2026 verhoogt het met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026.
  • Extra vervoerskosten door ziekte of invaliditeit: vast € 925 als je aannemelijk maakt dat je niet meer dan 100 meter kunt lopen.
  • Extra kleding en beddengoed: € 330, of € 825 als je aantoont dat de extra uitgaven meer dan € 660 waren.
  • Reiskosten ziekenbezoek: € 0,25/km (zelfde besluit), mits enkele reis meer dan 10 km, je bij aanvang van de ziekte een huishouden deelde, je regelmatig bezoekt en de verpleging langer dan een maand duurt.
  • Dieet op voorschrift: vaste bedragen per ziektebeeld volgens de dieetlijst, oplopend van enkele tientallen euro’s tot € 650.
  • Extra gezinshulp: aftrekbaar boven een aparte drempel — tot € 39.701 geen drempel; € 39.701 – € 59.549 → 1%; € 59.549 – € 79.387 → 2%; daarboven 3% van het drempelinkomen.

Strategie en stappen

  • Kosten zijn alleen aftrekbaar in het jaar van betaling. Liggen de kosten van twee jaar dicht bij elkaar, concentreer ze dan in één jaar: je betaalt de drempel dan maar één keer. Bij een drempelinkomen van € 45.000 is die drempel ongeveer € 743 per jaar.
  • Blijf onder het drempelinkomen van € 41.123 als dat kan: daar hangt de verhoging van 40% of 113% aan, en die rand is zeer scherp.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Niet aftrekbaar: premies basis- en aanvullende verzekering, verplicht en vrijwillig eigen risico, wettelijke eigen bijdragen aan het CAK, eigen bijdragen Zvw, brillen, contactlenzen en ooglaseren, scootmobiel, rolstoel, rollator, krukken, looprek, sta-op-stoel, woningaanpassingen, verhuizing naar een verzorgingshuis, telefoonabonnement, ggz en dyslexiezorg onder 18 jaar, ivf vanaf 43 jaar, en kosten van niet-gecontracteerde zorg.
  • Wél aftrekbaar en vaak vergeten: reisvaccinaties (ongeacht het reisdoel), operational-leasetermijnen van een gehoorapparaat, batterijen en oplader voor een gehoorapparaat, en een bril met prismaglazen die het gezichtsvermogen niet ondersteunt.

Tegemoetkoming specifieke zorgkosten — de negatieve heffing

Via je aangifteWeinig bekend

In het kort

Heb je zorgkosten afgetrokken, maar betaal je zo weinig belasting dat de aftrek niets oplevert? Dan krijg je dat voordeel vanzelf uitbetaald, apart van je aanslag.

Wat het is

Trek je zorgkosten af, maar betaal je door je heffingskortingen toch al nauwelijks belasting, dan krijg je het verloren voordeel alsnog uitbetaald.

Voor wie

Iedereen die specifieke zorgkosten heeft afgetrokken en door die aftrek minder belasting verschuldigd is dan het bedrag aan heffingskortingen.

Na 2026

Voorstel Belastingplan 2027, nog geen wet: Over 2026 en 2027 kun je specifieke zorgkosten nog aftrekken; vanaf 2028 niet meer. Het kabinet wil in de tussentijd een gerichte compensatie voor chronisch zieken uitwerken. Hoe die eruitziet, staat nog niet vast. Bronnen: Tweede Kamer — kamerstuk 37 022: wetsvoorstel en memorie van toelichting · Rijksoverheid — nieuwsbericht Belastingplan 2027 (15 september 2026)

Meer in de vooruitblik: alle voorstellen uit het Belastingplan 2027.

Bedragen en cijfers 2026

  • Je krijgt het bedrag dat je zonder de aftrek méér aan heffingskorting had kunnen benutten.
  • De tegemoetkoming wordt automatisch berekend en apart van de aanslag uitbetaald.
  • Ondergrens: de tegemoetkoming moet meer dan € 18 bedragen.

Strategie en stappen

  • Dit is precies het mechanisme waardoor je belastingdruk effectief negatief kan worden. Het is ook de reden om aangifte te doen als dat niet verplicht is: zonder aangifte en zonder opgegeven zorgkosten geen tegemoetkoming.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Bij fiscale partners worden de verschuldigde belasting en de heffingskortingen van beiden samengeteld.

Giften — gewone en periodieke

Via je aangifteAlgemeen bekend

In het kort

Geef je aan een goed doel met een ANBI-status, dan mag je dat aftrekken boven een drempel. Leg je de gift voor meerdere jaren vast, dan geldt er geen drempel en geen grens van 10% van je inkomen.

Wat het is

Giften aan goede doelen zijn aftrekbaar. Leg je ze vast in een vijfjaarsovereenkomst, dan vervalt zowel de drempel als het plafond.

Voor wie

Gewone giften: aan een ANBI of een erkende steunstichting SBBI. Periodieke giften: aan een ANBI of aan een vereniging met minstens 25 leden, volledige rechtsbevoegdheid en geen Vpb-plicht.

Bedragen en cijfers 2026

  • Gewone giften: drempel 1% van het (gezamenlijke) drempelinkomen met een minimum van € 60; maximum 10% van het drempelinkomen.
  • Periodieke giften: geen drempel, geen 10%-plafond; wettelijk maximum € 1.500.000 per kalenderjaar voor jou en je partner samen.
  • Culturele ANBI: het giftbedrag mag met 25% worden verhoogd, met een maximum van € 1.250 extra voor jou en je partner samen; dat verhoogde bedrag verhoogt tevens het 10%-maximum.

Strategie en stappen

  • Geef je nu al structureel, bijvoorbeeld € 500 per jaar? Zonder akte verlies je de eerste 1% van je drempelinkomen. Met een onderhandse akte — een formulier van de Belastingdienst, geen notaris nodig — is alles aftrekbaar. Bij een drempelinkomen van € 45.000 scheelt dat € 450 extra aftrek, ongeveer € 169 netto, plus doorwerking naar toeslagen.
  • Geen akte? Bundel dan de giften van twee jaar in één kalenderjaar: je betaalt de drempel dan maar één keer.
  • Combineer periodiek geven met een culturele ANBI: een periodieke gift van € 5.000 levert dan € 6.250 aftrek op.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Contante giften zijn nooit aftrekbaar; loten van goededoelenloterijen evenmin.
  • Bij een tegenprestatie vervalt de aftrek.
  • Bij een gift in natura boven € 10.000 per jaar (partners: € 20.000) is een onafhankelijk taxatierapport of een recente factuur verplicht voor verplichtingen aangegaan na 31-12-2023.
  • De akte mag beëindiging bij arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, faillissement of statusverlies van de instelling voorschrijven zonder dat de vijfjaarseis wordt geschonden.
  • Giften betaald op of na het moment van overlijden zijn niet aftrekbaar.

Giften door vrijwilligers: afgezien vergoeding en niet-gedeclareerde kosten

Via je aangifteWeinig bekend

In het kort

Doe je vrijwilligerswerk voor een goed doel en zie je af van je vergoeding, dan mag je dat bedrag aftrekken als gift. Dat geldt tot € 2.200 per jaar.

Wat het is

Doe je vrijwilligerswerk voor een ANBI en zie je af van je vergoeding, dan mag je dat bedrag aftrekken als gift.

Voor wie

Vrijwilligers bij een instelling die als ANBI is aangewezen.

Bedragen en cijfers 2026

  • Tot € 2.200 per jaar — de vrijwilligersnorm — als gewone gift, plus niet-gedeclareerde kosten.
  • Voor autokosten die je niet declareert mag je € 0,25 per kilometer meetellen (art. 6.36 lid 2 Wet IB noemt nog € 0,23; het beleidsbesluit van 17 mei 2026 verhoogt het met terugwerkende kracht); taxikosten tegen werkelijke kosten.

Strategie en stappen

  • Leg het bedrag waarvan je afziet vast in een periodieke akte. Dan vervalt de gewone-giftendrempel van 1% / € 60 en is het volledige bedrag aftrekbaar.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Vier cumulatieve eisen: de instelling is aangewezen als ANBI, heeft een regeling getroffen waardoor je in aanmerking komt voor een vergoeding, is financieel in staat die uit te betalen, en heeft de bedoeling dat ook te doen — en jij moet zelf kunnen bepalen dat je de vergoeding schenkt.
  • Zie je af van de vergoeding én maak je kosten, dan moet je de kosten verminderen met het bedrag waarvan je hebt afgezien.

Betaalde partneralimentatie en andere onderhoudsverplichtingen

Via je aangifteAlgemeen bekend

In het kort

Betaal je partneralimentatie aan je ex, dan mag je die helemaal aftrekken. Voor kinderalimentatie geldt dat niet.

Wat het is

Wat je aan je ex-partner betaalt voor diens levensonderhoud, mag je aftrekken. Kinderalimentatie niet.

Voor wie

Ex-echtgenoten, ex-geregistreerde partners, ex-samenwoners, en gehuwden die duurzaam gescheiden leven.

Bedragen en cijfers 2026

  • Volledig aftrekbaar. Bij € 12.000 alimentatie en een marginaal tarief van 37,56%: € 4.507 minder belasting, plus een lager toetsingsinkomen voor toeslagen.

Strategie en stappen

  • Aftrekbaar zijn: periodieke partneralimentatie; een afkoopsom of koopsom voor een lijfrente ter afkoop (mits ná de huwelijksontbinding en niet bij ongehuwd samenwonen met de ex); doorbetaald ouderdomspensioen; betalingen voor pensioenverevening; bijstand die de sociale dienst op je verhaalt; en overige onderhoudsverplichtingen en periodieke schadevergoedingen.
  • Weinig bekend: woont je ex in de koopwoning waarvan jij (mede-)eigenaar bent, dan mag je jouw deel van het eigenwoningforfait als partneralimentatie aftrekken — de eerste twee jaar naast de eigenwoningregeling, daarna terwijl de woning in box 3 zit. De door jou betaalde rente voor het deel van je ex is eveneens als alimentatie aftrekbaar, ongeacht hoe lang geleden je uit elkaar ging.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Kinderalimentatie is niet aftrekbaar, evenmin als advocaat- en proceskosten om de alimentatie te verlagen of te beëindigen.
  • Bij de ontvanger is de alimentatie belast in box 1 en verhoogt zij diens toetsingsinkomen.

Tariefsaanpassing aftrekposten — de rem op je aftrek

Gaat automatischMatig bekend

In het kort

Verdien je veel, dan leveren de meeste aftrekposten minder op dan je hoogste tarief. Boven € 78.426 krijg je over bijvoorbeeld hypotheekrente en giften 37,56% terug in plaats van 49,5%.

Wat het is

Verdien je boven een bepaalde grens, dan krijg je over je aftrekposten niet je hoogste tarief terug maar een lager tarief.

Voor wie

Iedereen met een inkomen uit werk en woning vóór aftrekposten boven de grens.

Bedragen en cijfers 2026

  • De rem zet in boven een inkomen uit werk en woning van € 78.426.
  • Het aanpassingspercentage is in 2026 11,94% (2025: 12,02%).
  • Daardoor leveren aftrekposten in de hoogste schijf maximaal 37,56% op in plaats van 49,50%. Op € 10.000 aftrek scheelt dat € 1.194.

Strategie en stappen

  • Belangrijk gevolg voor partners: aftrekposten toerekenen aan de partner met een inkomen onder € 78.426 levert vaak méér op dan aan de hoogstverdienende — precies andersom dan de intuïtie.
  • Praktische vuistregel: leg persoonsgebonden aftrek bij de partner die net onder of net rond € 78.426 zit, niet bij degene die er ruim boven zit.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • De rem raakt alle persoonsgebonden aftrek (alimentatie, weekenduitgaven gehandicapten, giften, specifieke zorgkosten, restant persoonsgebonden aftrek uit eerdere jaren), de eigenwoningaftrek en de ondernemersfaciliteiten.
  • Lijfrentepremie valt er juist niet onder — zie het pensioendomein.

Weekenduitgaven voor gehandicapten

Via je aangifteWeinig bekend

In het kort

Zorg je in het weekend of de vakantie thuis voor een ernstig gehandicapt kind, broer of zus die normaal in een instelling woont? Dan mag je € 13 per dag aftrekken, plus een bedrag per kilometer voor halen en brengen.

Wat het is

Verzorg je in het weekend of de vakantie een ernstig gehandicapt kind, broer of zus van 21 jaar of ouder die normaal in een instelling verblijft, dan mag je vaste bedragen aftrekken.

Voor wie

Ouders, broers en zussen, en door de kantonrechter benoemde mentoren of curatoren die de persoonlijke belangen behartigen. “Ernstig gehandicapt” betekent: aanspraak op opname in een Wlz-instelling.

Bronconflict: wettekst versus een nieuwer besluit

De geconsolideerde wettekst per 1 januari 2026 noemt hier een ander bedrag dan de Belastingdienst hanteert, en dat heeft een reden: er ligt een later gepubliceerd beleidsbesluit overheen dat terugwerkt tot 1 januari 2026. Deze site rekent daarom met het besluit en noemt het bedrag uit de wettekst erbij; beide staan hieronder, met een link naar beide bronnen. Het besluit vervalt op 1 januari 2027 — de vastlegging in de wet loopt via het Belastingplan 2027.

Voorbehoud

Onderzoek bs-vermogen-v2 heeft de forfaitaire bedragen voor 2026 níét zelfstandig uit belastingdienst.nl of wetten.overheid.nl kunnen verifiëren. Onderzoek bs-werk-w1 geeft ze wel. De discrepantie over de kilometervergoeding is inmiddels verklaard door het beleidsbesluit hierboven en is dus geen open punt meer.

Bronconflict — beide bedragen

Wettekst per 1 januari 2026: € 0,23 per kilometer — art. 40 lid 1 onderdeel b Uitvoeringsregeling IB 2001, toestand 1-1-2026

Afwijkende bron (leidend op deze site): € 0,25 per kilometer — het beleidsbesluit van 17 mei 2026, dat terugwerkt tot en met 1 januari 2026. Dít bedrag gebruikt de rekentool.

Dit gold lang als een redactiefout: de lopende tekst van Fiscale informatie 2026 noemde € 0,25 waar de regeling € 0,23 zegt, en de ministeriële regeling gaat dan voor. Dat was hier niet de verklaring. Onderdeel 2.2 van het beleidsbesluit noemt de weekenduitgaven met artikelnummer en al in zijn opsomming van forfaits die naar € 0,25 gaan, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026. De fisin-tekst liep dus vooruit op het besluit in plaats van de regeling verkeerd over te schrijven. Het vaste bedrag per verzorgingsdag raakt het besluit niet en blijft € 13.

Bedragen en cijfers 2026

  • € 13 per verzorgingsdag, inclusief haal- en brengdagen.
  • € 0,25 per kilometer voor het halen en brengen over de afstand instelling–woning (zie het bronconflict hierboven).
  • Rekenvoorbeeld: 40 weekenden × 2 dagen en 60 km retour → 80 × € 13 + 40 × 60 × € 0,25 = € 1.640 aftrek.

Strategie en stappen

  • Houd een eenvoudige kalender bij met verzorgingsdagen en gereden kilometers; dat is het enige bewijs dat telt.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Nemen beide partners weekenduitgaven voor dezelfde gehandicapte in aanmerking, dan wordt het bedrag per partner gehalveerd.
  • Uitgaven die ook als specifieke zorgkosten kwalificeren, mogen niet dubbel worden opgevoerd.

Aftrekbare kosten van uitkeringen

Via je aangifteWeinig bekend

In het kort

Maak je kosten om een uitkering te krijgen of te houden, zoals voor een advocaat of reizen, dan mag je die bij sommige uitkeringen aftrekken. Denk aan bijstand of een uitkering uit een verzekering die je zelf afsloot.

Wat het is

Kosten die je maakt om een uitkering te krijgen of te behouden — advocaat, telefoon, porto, reiskosten, incasso — zijn voor een aantal uitkeringen aftrekbaar.

Voor wie

Ontvangers van bijstandsuitkeringen en vergelijkbare uitkeringen, uitkeringen aan verzets- en oorlogsslachtoffers, periodieke uitkeringen uit een zelf gesloten invaliditeits-, ziekte- of ongevallenverzekering, uitkeringen uit een als ondernemer gesloten pensioenverzekering, en lijfrentetermijnen en -afkoopsommen.

Bedragen en cijfers 2026

  • De werkelijke kosten, “voor zover zij in hun totale omvang niet overtreffen wat gebruikelijk is”.
  • Bij een bezwaarprocedure tegen een bijstandsbesluit kan dat oplopen tot enkele duizenden euro’s.

Strategie en stappen

  • Bewaar alle kosten die je maakt rond een bezwaar- of beroepsprocedure over je uitkering: advocaat, porto, telefoon, reizen naar zittingen en incassokosten.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Geldt uitdrukkelijk niet voor WW, WIA/WAO en ZW — daarvoor bestaat sinds 2001 geen kostenaftrek meer, want dat is loon uit vroegere dienstbetrekking.
  • Rente van schulden is uitgesloten.

Scholingsuitgaven — vervallen, op één smal restant na

Via je aangifteWeinig bekendVervallen, op één restant na

In het kort

Studiekosten kun je sinds 2022 niet meer aftrekken, en het STAP-budget bestaat niet meer. Alleen wie vóór juli 2015 een prestatiebeurs had die dit jaar definitief een lening werd, kan nog iets aftrekken.

Wat het is

De aftrek van studiekosten is per 2022 vervallen. Er is één smal restant: werd een prestatiebeurs van vóór juli 2015 dit jaar definitief een lening, dan mag je de uitgaven uit die studiejaren alsnog aftrekken.

Voor wie

Alleen wie aan alle drie de voorwaarden voldoet: je had vóór 1 juli 2015 recht op studiefinanciering in de vorm van een prestatiebeurs; je kreeg verlenging van de diplomatermijn vanwege een bijzondere situatie, bijvoorbeeld om medische redenen; en je prestatiebeurs over die studiejaren is in 2026 definitief omgezet in een lening. Omdat de verlengde diplomatermijn hoogstens vijftien jaar is, gaat het alleen om de studiejaren 2010/2011 tot en met 2014/2015. Voor ieder ander geldt: wie op studiekostenaftrek of STAP rekent, rekent op iets wat er niet is.

Bedragen en cijfers 2026

  • Afdeling 6.7 Wet IB 2001 is vervallen per 1-1-2022.
  • Het restant staat in art. 10a.16: voor studiejaren tot en met 2014/2015 blijven de oude artikelen 6.27, 6.28 en 6.30 van toepassing. Is je prestatiebeurs over die jaren in 2026 definitief niet in een gift omgezet, dan mag je in 2026 alsnog de uitgaven aftrekken die je in die jaren niet mocht aftrekken omdat je toen een prestatiebeurs had.
  • STAP-budget bestaat niet meer.

Strategie en stappen

  • Werd je prestatiebeurs dit jaar definitief een lening, zoek dan de uitgaven uit die studiejaren op — lesgeld of collegegeld, boeken en leermiddelen — en geef ze op in je aangifte over 2026. Vooringevuld staat dit niet.
  • Voor ieder ander is de enige overgebleven route de werkgeversroute: de gerichte vrijstelling voor studie en opleiding, zonder maximum, en ook geldig voor ex-werknemers. Zie “Studie en opleiding via de werkgever”.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Werd je prestatiebeurs een gift, dan is er niets af te trekken: dan heb je de studie niet zelf betaald.
  • Het restant wordt elk jaar kleiner: het gaat alleen om studiejaren tot en met 2014/2015, binnen een verlengde diplomatermijn van hoogstens vijftien jaar.

Uitkeringen 6

Witte of groene tabel: het scharnierpunt voor je arbeidskorting

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Heb je een uitkering of word je bij ziekte doorbetaald, dan bepaalt de soort loonbelastingtabel of je arbeidskorting krijgt. Het verschil kan oplopen tot € 5.685 per jaar.

Wat het is

Of je uitkering met de “witte” of de “groene” tabel wordt belast, bepaalt of je arbeidskorting krijgt. Dat kan duizenden euro’s per jaar schelen.

Voor wie

Iedereen met een uitkering, loondoorbetaling bij ziekte, of een combinatie van loon en uitkering.

Na 2026

Vastgesteld, per 1-1-2027: Betaalt je werkgever een uitkering door samen met ander loon, dan mag hij daar vanaf 1 januari 2027 geen arbeidskorting meer op toepassen. Het gaat om WAO, WAZ, Wajong, WIA (IVA en WGA), Ziektewet behalve als die uit je huidige dienstverband voortkomt, en een toeslag op grond van de Toeslagenwet. Krijg je de uitkering rechtstreeks van UWV, dan verandert er niets. Krijg je de inkomensafhankelijke combinatiekorting via een voorlopige aanslag, pas die dan begin 2027 aan: de uitkering telt dan niet meer mee. In 2026 geldt de witte tabel nog over het totaal. Bronnen: Belastingdienst — Geen arbeidskorting meer over bepaalde uitkeringen · UWV — Arbeidskorting over uitkering stopt per 1 januari 2027

Meer in de vooruitblik: wat al wet is voor een later jaar.

Bedragen en cijfers 2026

  • Het verschil is de volledige arbeidskorting: tot € 5.685 per jaar.
  • Witte tabel (mét arbeidskorting): loon uit tegenwoordige dienstbetrekking; loondoorbetaling bij ziekte op grond van art. 7:629 BW (maximaal 104 weken); WAZO-uitkeringen (zwangerschap, bevalling, geboorteverlof, ouderschapsverlof), zowel rechtstreeks van UWV als via de werkgever; ZW-uitkeringen zolang de dienstbetrekking waarin de ziekte ontstond nog voortduurt; ZW uit een vrijwillige UWV-verzekering; loon bij inactiviteit (maximaal 104 weken); loon dat UWV doorbetaalt bij betalingsonmacht van de werkgever; en — in 2026 nog — WW-, WAO-, WIA- en Wajong-uitkeringen die de werkgever namens UWV doorbetaalt naast loon uit tegenwoordige dienstbetrekking.
  • Groene tabel (géén arbeidskorting): AOW, Anw, IOAW, IOAZ, WAO/WIA, WAZ, Wajong, WW; ZW ná einde dienstbetrekking; ZW die volgt op een WW-uitkering; pensioenen; een afkoopsom bij ontslag; lijfrente-uitkeringen; Toeslagenwet-uitkeringen die niet samenlopen met een witte-tabeluitkering; en uitkeringen van Stichting 1940-1945 en de wetten voor vervolgings- en burger-oorlogsslachtoffers.

Strategie en stappen

  • De grens tussen “ZW tijdens dienstverband” en “ZW erna” is scherp en wordt in de praktijk vaak fout toegepast. Controleer bij samenloop van uitkering en loon of de witte tabel is gebruikt — het loonstrookje van de werkgever is leidend.

Teruggaaf van te veel ingehouden bijdrage Zvw

Gaat automatischWeinig bekend

In het kort

Heb je loon én een uitkering of pensioen, samen boven € 79.409, dan is er soms te veel bijdrage voor de zorgverzekering ingehouden. Dat te veel krijg je terug.

Wat het is

Heb je meerdere inkomstenbronnen waarop de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw is ingehouden, dan is er samen te veel ingehouden. Dat krijg je terug.

Voor wie

Mensen met tegelijk loon (werkgeversheffing) en een uitkering of pensioen waarop bijdrage Zvw is ingehouden, waarbij het totaal boven het maximumbijdrageloon uitkomt.

Bedragen en cijfers 2026

  • Maximumpremieloon en maximumbijdrageloon 2026: € 79.409 per jaar.
  • Werkgeversheffing Zvw 6,10%; inhouding bijdrage Zvw 4,85%.
  • Je krijgt tot 4,85% van het bedrag boven € 79.409 terug. Bij € 20.000 boven het maximum: € 970.

Strategie en stappen

  • De teruggaaf gaat automatisch — je krijgt bericht. Maar alleen als de gegevens correct in de aangiften loonheffingen staan, onder verschillende nummers inkomstenverhouding met de juiste code verzekeringssituatie Zvw. Controleer of de teruggaaf daadwerkelijk komt.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Een werkgever krijgt nooit teruggaaf van de werkgeversheffing; dit gaat alleen over de bij jou ingehouden bijdrage.

Inkomsten die je helemaal niet hoeft aan te geven

Via je aangifteWeinig bekend

In het kort

Sommige uitkeringen en vergoedingen hoef je helemaal niet op te geven, zoals toeslagen, kinderbijslag en studiefinanciering. Ze tellen dus ook niet mee voor je toeslagen.

Wat het is

Een aantal uitkeringen en vergoedingen hoort helemaal niet in je aangifte thuis. Ze verhogen dus ook je toetsingsinkomen voor toeslagen niet.

Voor wie

Uitkeringsgerechtigden, studenten, asielzoekers, mensen met een UWV-re-integratievoorziening, en bestuursleden met een beurs.

Bedragen en cijfers 2026

  • Niet aangeven: stakingsuitkeringen van vakbonden; huur-, zorg- en kinderopvangtoeslag en kindgebonden budget; bijzondere bijstand (tenzij inkomensaanvullend); kinderbijslag; studiefinanciering (WSF/WHW); eenmalige studie-uitkeringen; studieleningen; WTOS-toelagen; uitkeringen op grond van de Regeling opvang of verstrekkingen asielzoekers; uitkeringen uit het Artikel 2-fonds; uitkeringen en verstrekkingen van UWV gericht op het verbeteren of behouden van je arbeidsmarktpositie (jobcoach, arbofaciliteiten, scholing, brailleleesregel, doventolk, én het vervoer naar de werkplek of opleidingslocatie); ontvangen bedragen op een voorlopige aanslag; getto-uitkeringen en Duitse DRV-uitkeringen voor dwangarbeiders; en afstudeersteun uit auditorenfondsen en bestuursbeurzen.

Strategie en stappen

  • Omdat deze posten buiten je aangifte blijven, drukken ze ook je toetsingsinkomen niet op. Een jobcoach of scholingstraject van UWV kost je dus geen toeslag.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • De UWV-re-integratievoorzieningen en de bestuursbeurzen worden het vaakst ten onrechte wél opgegeven.

Tegemoetkoming arbeidsongeschikten

Gaat automatischMatig bekend

In het kort

Heb je een Wajong-uitkering, of een WIA-, WAO- of WAZ-uitkering en ben je voor een groot genoeg deel arbeidsongeschikt, dan krijg je elk jaar vanzelf een vast bedrag. Je hoeft er niets voor aan te vragen.

Wat het is

Een vaste jaarlijkse netto tegemoetkoming voor arbeidsongeschikten.

Voor wie

Je hebt op 1 juli recht op WIA, WAO of WAZ en bent minimaal 35% arbeidsongeschikt, óf je hebt op 1 juli recht op Wajong.

Bedragen en cijfers 2026

  • € 226,28 netto in 2026, automatisch uitbetaald eind september.

Strategie en stappen

  • Twee eigenschappen die vaak worden gemist: de tegemoetkoming telt niet mee voor het toetsingsinkomen voor toeslagen, én hij hoeft niet als vergoeding van je aftrekbare zorgkosten te worden afgetrokken.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Beslag is niet toegestaan als je geen schuldhulpverlening hebt.

Gemeentelijke kwijtschelding en individuele inkomenstoeslag

Aparte aanvraagMatig bekend

In het kort

Heb je een laag inkomen en weinig spaargeld, dan kan je gemeente lokale belastingen kwijtschelden. Leef je al lang van een laag inkomen, dan kan de gemeente je ook een jaarlijkse toeslag geven.

Wat het is

Je gemeente kan lokale belastingen kwijtschelden en kent een jaarlijkse toeslag voor mensen die langdurig van een laag inkomen leven.

Voor wie

Kwijtschelding: huishoudens met een laag inkomen en weinig vermogen. Individuele inkomenstoeslag: ouder dan 21 jaar, nog niet AOW-gerechtigd, langdurig laag inkomen, met aanvullende gemeentelijke voorwaarden.

Voorbehoud

Kwijtscheldingsnormen en de hoogte van de individuele inkomenstoeslag worden per gemeente vastgesteld; er is geen landelijke cijferbijlage 2026. De bedragen voor 2026 zijn in het onderzoek niet centraal geverifieerd. Kijk voor de exacte bedragen op de site van je eigen gemeente.

Bedragen en cijfers 2026

  • Kwijtschelding van OZB, afvalstoffen- en rioolheffing en waterschapslasten loopt in de praktijk op tot enkele honderden euro’s per jaar.
  • De vermogensnorm voor kwijtschelding is strenger dan die voor de bijstand; gemeenten mogen die norm sinds september 2022 met maximaal € 2.000 verhogen.

Strategie en stappen

  • Beide regelingen moet je zelf aanvragen. Ze worden niet automatisch toegekend, en het niet-gebruik van de individuele inkomenstoeslag is hoog.
  • Vraag je gemeente expliciet of zij de verhoogde vermogensnorm toepast — dat verschilt per gemeente en bepaalt vaak of je in aanmerking komt.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Is je vermogen ontoereikend voor volledige kwijtschelding, dan berekent de gemeente je betalingscapaciteit; 80% daarvan moet je gebruiken om de belasting alsnog te betalen.

Minimumuurloon 2026 als referentiekader

Via je werkgeverAlgemeen bekend

In het kort

Het minimumloon per uur, dat elk half jaar verandert. Het helpt je om je loonstrook na te kijken.

Wat het is

Het wettelijk minimumuurloon, dat twee keer per jaar wordt aangepast. Handig als ijkpunt bij het controleren van je loonstrook.

Voor wie

Alle werknemers, in het bijzonder jongeren en oproepkrachten.

LeeftijdPer 1 januari 2026Per 1 juli 2026
21 jaar en ouder€ 14,71€ 14,99
20 jaar€ 11,77€ 11,99
19 jaar€ 8,83€ 8,99
18 jaar€ 7,36€ 7,50
17 jaar€ 5,81€ 5,92
16 jaar€ 5,07€ 5,17
15 jaar€ 4,41€ 4,50

Strategie en stappen

  • Controleer na 1 juli of je loonstrook de nieuwe bedragen volgt; de aanpassing gaat niet altijd automatisch goed bij oproepcontracten.

Loonheffingskorting en aangiftetechniek 6

Waar je de loonheffingskorting laat toepassen

Via je werkgeverAlgemeen bekend

In het kort

Heb je meer dan één baan, uitkering of pensioen, dan mag de loonheffingskorting maar bij één daarvan. Staat hij verkeerd of dubbel, dan volgt later een rekening om bij te betalen.

Wat het is

De loonheffingskorting mag maar bij één werkgever of uitkeringsinstantie tegelijk. Kies je verkeerd, dan volgt een naheffing.

Voor wie

Iedereen met meer dan één inkomstenbron: bijbaan naast hoofdbaan, uitkering naast loon, pensioen naast loon.

Bedragen en cijfers 2026

  • De loonheffingskorting omvat vijf kortingen: algemene heffingskorting, arbeidskorting, ouderenkorting, alleenstaandeouderenkorting en jonggehandicaptenkorting.
  • De IACK en de korting groene beleggingen zitten er niet in; die moet je zelf claimen.
  • Bij twee inkomstenbronnen voorkomt een juiste keuze een naheffing van vaak € 500 – € 2.500.

Strategie en stappen

  • Het Handboek zegt het letterlijk: “Soms is het voor de werknemer zelfs verstandig om bij geen enkele werkgever of uitkeringsinstantie de loonheffingskorting te laten toepassen”, om een bijbetaling via de aangifte te verminderen of te voorkomen.
  • De reden: elke werkgever past de afbouw van de algemene heffingskorting en de arbeidskorting toe alsof hij je enige inkomen betaalt. Opgeteld leidt dat structureel tot te weinig inhouding.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • De jonggehandicaptenkorting is de uitzondering: die mag een werkgever óók toepassen als je de loonheffingskorting elders laat lopen.

Voorlopige aanslag en voorlopige teruggaaf

Via je aangifteAlgemeen bekend

In het kort

Heb je aftrekposten, zoals hypotheekrente of zorgkosten, dan kun je daar elke maand al geld voor terugkrijgen. Dat heet een voorlopige teruggaaf: je hoeft niet te wachten tot het jaar voorbij is.

Wat het is

Aftrekposten en de IACK hoef je niet tot na afloop van het jaar te laten liggen — je kunt ze maandelijks laten uitbetalen.

Voor wie

Iedereen met hypotheekrenteaftrek, alimentatie, zorgkosten, giften of recht op IACK.

Voorbehoud

De Belastingdienst voert een massaalbezwaarprocedure over de hoogte van het belastingrentepercentage, met een verwijzing naar een uitspraak van de Hoge Raad van 16 januari 2026. De uitkomst kan het percentage voor 2026 met terugwerkende kracht raken; het onderzoek heeft dat niet uitgezocht.

Bedragen en cijfers 2026

  • De belastingrente is per 1-1-2026 5% (2025: 6,5%; 2024: 7,5%).
  • Op de voorlopige aanslag 2026 rekent de Belastingdienst voor box 3 met 1,28% (banktegoeden), 6,00% (overige bezittingen) en 2,70% (schulden), met een heffingvrij vermogen van € 59.357 / € 118.714. Twee van die drie percentages zijn nog voorlopig.

Strategie en stappen

  • Een tijdig aangevraagde of aangepaste voorlopige aanslag voorkomt dat je 5% belastingrente betaalt. Dat is puur liquiditeitswinst, maar over een heel jaar reëel geld.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Een te hoge voorlopige teruggaaf moet je terugbetalen mét dezelfde 5% belastingrente. Schat liever iets te laag in dan te hoog.

Aanslaggrens en teruggaafdrempel: wanneer aangifte doen loont terwijl het niet hoeft

Via je aangifteWeinig bekend

In het kort

Krijg je geen uitnodiging voor aangifte, dan kan aangifte doen toch geld opleveren, of juist kosten. Een teruggaaf tot € 18 wordt niet uitbetaald, en bijbetalen hoeft pas boven € 58.

Wat het is

Krijg je geen uitnodiging tot aangifte, dan kan aangifte doen tóch geld opleveren — of je juist geld kosten.

Voor wie

Iedereen zonder uitnodiging tot aangifte: studenten, mensen die een deel van het jaar werkten, mensen met vermogen.

Bedragen en cijfers 2026

  • Aanslaggrens (bijbetalen): er komt alleen een aanslag als de verschuldigde belasting het saldo van voorheffingen en voorlopige teruggaven met meer dan € 58 overschrijdt. Blijf je daaronder, dan hoef je niet bij te betalen.
  • Teruggaafdrempel: heb je aangifte gedaan en is je teruggaaf niet meer dan € 18, dan wordt de aanslag op nihil gesteld en krijg je niets terug.
  • Verplichte aanslag door vermogen: er komt sowieso een aanslag als je rendementsgrondslag per 1 januari meer bedraagt dan € 38.479, of met partner € 76.958 — óók zonder uitnodiging. Idem als je groene beleggingen hebt.

Strategie en stappen

  • Aangifte doen zonder uitnodiging loont vrijwel altijd als: je een deel van het jaar hebt gewerkt (door de tijdvaksystematiek is er te veel loonheffing ingehouden); je de IACK niet hebt laten verrekenen; je specifieke zorgkosten hebt en in aanmerking komt voor de tegemoetkoming; je geboren bent vóór 1963 en recht hebt op uitbetaling van de algemene heffingskorting; je reisaftrek OV hebt; of je te veel bijdrage Zvw hebt betaald.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Een studentenbaan of een deeljaar levert meestal geld op — dat is de vaakst gemiste teruggaaf in deze categorie.

Machtiging lager percentage tabel bijzondere beloningen

Aparte aanvraagWeinig bekend

In het kort

Wordt er over je vakantiegeld of bonus veel te veel belasting ingehouden, bijvoorbeeld omdat je inkomen is gedaald? Dan kun je de Belastingdienst om een lager percentage vragen.

Wat het is

Wordt er over je vakantiegeld, bonus of transitievergoeding structureel te veel ingehouden, dan kun je de Belastingdienst vragen om een lager percentage.

Voor wie

Werknemers bij wie normale toepassing van de tabel bijzondere beloningen leidt tot een inhouding die substantieel hoger is dan de belasting die je vermoedelijk verschuldigd bent — typisch bij een sterk gedaald inkomen.

Bedragen en cijfers 2026

  • Voorwaarde: de afwijking met de te betalen inkomstenbelasting bedraagt minimaal € 227 én minimaal 10,00%.
  • Over een bonus of transitievergoeding van € 30.000 kan het om duizenden euro’s gaan die je anders een jaar moet voorschieten.

Strategie en stappen

  • Het percentage van de tabel bijzondere beloningen is gebaseerd op je jaarloon van het voorafgaande jaar. Bij een sterk gedaald inkomen leidt dat tot forse overinhouding — precies dan is deze machtiging aangewezen.
  • Omgekeerd kun je ook vrijwillig om een hogere inhouding vragen als je een naheffing wilt voorkomen.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • De machtiging geldt alleen voor het jaar dat erin staat. Je moet hem dus elk jaar opnieuw aanvragen.

Studenten- en scholierenregeling

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Werk je als scholier of student, dan mag je werkgever per kwartaal rekenen in plaats van per maand. Daardoor wordt er vaak weinig of geen loonheffing ingehouden.

Wat het is

Werk je als scholier of student, dan mag je werkgever met het kalenderkwartaal rekenen in plaats van met week of maand. Daardoor wordt er meestal weinig of geen loonheffing ingehouden.

Voor wie

Scholieren met recht op kinderbijslag bij aanvang van het kwartaal; studenten met recht op gift of prestatiebeurs; ontvangers van een WTOS-tegemoetkoming; en buitenlandse studenten uit de EU, IJsland, Noorwegen, Zwitserland of Liechtenstein met een ISIC.

Bedragen en cijfers 2026

  • Het voordeel is liquiditeit: je hoeft de te veel ingehouden loonheffing niet tot na de aangifte voor te schieten.

Strategie en stappen

  • Het kwartaal geldt dan ook voor de premies werknemersverzekeringen en de Zvw — het effect is dus breder dan alleen de loonbelasting.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Vereist een gedateerd en ondertekend schriftelijk verzoek met je bsn — uitdrukkelijk niet het tijdelijke onderwijsnummer van DUO.

Anoniementarief: wat het kost en hoe je het voorkomt

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Heeft je werkgever je gegevens niet compleet, zoals je burgerservicenummer, dan houdt hij het hoogste tarief in. Dat is veel meer dan normaal.

Wat het is

Heeft je werkgever je gegevens niet compleet, dan houdt hij het maximumtarief in.

Voor wie

Werknemers van wie de identiteitsgegevens, het bsn of een geldig identiteitsbewijs ontbreken in de loonadministratie.

Bedragen en cijfers 2026

  • 52,00% enkelvoudig tarief; 108,30% tabeltarief bij eindheffing.
  • Bovendien wordt bij de Zvw en de premies werknemersverzekeringen geen rekening gehouden met het maximumbijdrageloon — het effect is dus groter dan het tarief alleen suggereert.

Strategie en stappen

  • Herstel: zodra de gegevens compleet zijn, corrigeert de VCR-systematiek de te veel betaalde Zvw en premies in latere tijdvakken. De te veel ingehouden loonbelasting krijg je via de aangifte inkomstenbelasting terug — dus doe aangifte.

Werknemersparticipatie 2

Aandelenopties: het heffingsmoment en het keuzerecht

Via je werkgeverMatig bekend

In het kort

Krijg je aandelenopties van je werkgever, dan betaal je pas belasting als je de aandelen mag verkopen, niet al als je ze koopt. Je mag ook kiezen om eerder te betalen.

Wat het is

Krijg je opties van je werkgever, dan betaal je pas belasting op het moment dat de aandelen verhandelbaar worden — niet al bij het uitoefenen. Je mag ook kiezen voor heffing bij uitoefening.

Voor wie

Werknemers met aandelenoptierechten in de vennootschap van de werkgever of een verbonden vennootschap (belang ten minste een derde). Dezelfde regels gelden voor warrants en conversierechten in converteerbare personeelsobligaties.

Na 2026

Voorstel Belastingplan 2027, nog geen wet: Werk je bij een start-up of scale-up met een goedkeurende beschikking van RVO, dan wordt de waardestijging van je aandelenopties in de periode met die beschikking maar voor 65% belast. En als hoofdregel betaal je pas belasting als je de aandelen werkelijk verkoopt, niet al als je de optie uitoefent. Voor andere werkgevers verandert er niets. Bronnen: Rijksoverheid — wetsvoorstel Wet fiscale stimulering start-ups en scale-ups, met memorie van toelichting (15 september 2026) · Ministerie van Financiën — factsheetbundel pakket Belastingplan 2027 (pdf)

Meer in de vooruitblik: alle voorstellen uit het Belastingplan 2027.

Bedragen en cijfers 2026

  • Hoofdregel: heffing op het eerste moment waarop je de aandelen mág vervreemden (feitelijk vervreemden hoeft niet). Grondslag: waarde in het economische verkeer op dat moment, minus wat je zelf hebt betaald; saldo niet lager dan € 0.
  • Fictief genietingsmoment bij een contractuele vervreemdingsbeperking: uiterlijk 5 jaar na uitoefening (beursgenoteerd), of 5 jaar na een toekomstige beursgang (niet-beursgenoteerd). Bij een wettelijke beperking geldt de duur van die bepaling in plaats van de vijf jaar.

Strategie en stappen

  • Het keuzerecht is een echte afweging. Uitstellen is gunstig als de waarde daalt of gelijk blijft en je liquiditeit beperkt is. Heffen bij uitoefening is gunstig bij een verwachte forse waardestijging, omdat de aangroei daarna buiten de loonheffing valt en (bij een belang onder 5%) in box 3 terechtkomt.
  • De keuze moet schriftelijk en uiterlijk bij uitoefening bij je werkgever liggen; die bewaart hem in de loonadministratie. Achteraf is niets meer te repareren.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Dividend of ander voordeel dat je vóór verhandelbaarheid geniet, is op dat moment al loon.
  • Schend je de contractuele vervreemdingsbeperking, dan is de heffing gebaseerd op het werkelijke vervreemdingsvoordeel minus wat je vanwege die schending in rekening is gebracht.
  • De fiscaal gunstige start-upregeling voor aandelenopties is per 2023 vervallen en bestaat in 2026 niet meer.

Personeelslening om aandelen te kopen

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Leent je werkgever je geld om aandelen in het bedrijf te kopen, dan hoort de rente normaal te zijn. Is de rente te laag, dan telt het voordeel als loon.

Wat het is

Leent je werkgever je geld om aandelen in het bedrijf te kopen, dan moet de rente zakelijk zijn.

Voor wie

Werknemers die via een koopsomlening van de werkgever participeren.

Bedragen en cijfers 2026

  • Een niet-zakelijke rente levert belast rentevoordeel op. Voor de marktconforme rente verwijst het Handboek naar kennisgroepstandpunt KG:204:2025:2.

Strategie en stappen

  • Bij een lening voor de eigen woning waarvan de rente aftrekbaar is, mag het rentevoordeel nooit in de vrije ruimte: het is altijd loon van de werknemer — dat je vervolgens zelf als eigenwoningrente kunt aftrekken.

Internationaal en de expatregeling 3

Expatregeling (voorheen 30%-regeling) — 2026 is het laatste jaar op het hoge forfait

Via je werkgeverAlgemeen bekend

In het kort

Kom je uit het buitenland hier werken met kennis die schaars is, dan mag je werkgever een vast deel van je loon belastingvrij uitbetalen. 2026 is het laatste jaar met het hoge percentage.

Wat het is

Kom je uit het buitenland hier werken, dan mag je werkgever een vast percentage van je loon onbelast uitbetalen als vergoeding voor de extra kosten van het wonen buiten je land van herkomst.

Voor wie

Ingekomen werknemers met specifieke deskundigheid, geworven van meer dan 150 km van de Nederlandse grens (minstens 16 van de 24 maanden vóór de eerste werkdag), met een beschikking van de Belastingdienst.

Bedragen en cijfers 2026

  • Forfait 30% van het loon inclusief de vergoeding — tot en met 2026.
  • Salarisnorm: belastbaar jaarloon meer dan € 48.013 exclusief de vrijgestelde vergoeding. Voor wie jonger is dan 30 en een Nederlandse of gelijkwaardige buitenlandse mastertitel heeft: meer dan € 36.497. Wetenschappelijk onderzoekers bij aangewezen instellingen en artsen in opleiding tot specialist: geen inkomensnorm.
  • Aftopping op de WNT-norm: € 262.000 — boven dat loon geen forfait meer.
  • Looptijd maximaal 5 jaar (vanaf 1-1-2019), verminderd met eerdere verblijfs- en werkperioden in Nederland in de 25 voorafgaande jaren.
  • Op een loon van € 100.000 is € 30.000 onbelast. Doorgerekend is dat ongeveer € 16.336 minder belasting: het bovenste deel valt weg tegen het toptarief, en over het lagere belastbare loon zijn de algemene heffingskorting en de arbeidskorting hoger.

Strategie en stappen

  • Verplichte jaarlijkse keuze: per kalenderjaar kies je tussen het forfait en vergoeding van de werkelijke extraterritoriale kosten. Die keuze maak je bij het eerste loontijdvak van het jaar en geldt het hele jaar.
  • Aanvraagtermijn: binnen 4 maanden na de startdatum geeft terugwerkende kracht tot de startdatum. Later aanvragen betekent geen terugwerkende kracht.
  • Overgangsrecht salarisnorm: wie in 2024 een geldige beschikking had en de regeling uiterlijk over het laatste loontijdvak van 2024 toepaste, houdt de oude (geïndexeerde) salarisnormen gedurende de hele looptijd.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Jaarlijkse inkomenstoets: zakt je loon in een jaar onder de norm, dan vervalt de regeling met terugwerkende kracht tot 1 januari van dat jaar, en herstel is niet mogelijk. Uitzondering: een lager loon door ouderschaps-, zwangerschaps-, geboorte-, aanvullend geboorte-, pleegzorg- of adoptieverlof.
  • Versobering per 1-1-2026: voor ingekomen werknemers zijn twee kostensoorten niet langer gericht vrijgesteld — de extra kosten van levensonderhoud door een hoger prijspeil (inclusief gas, water en licht) en de extra niet-zakelijke gesprekskosten met het land van herkomst. Voor uitgezonden werknemers blijven die wél vrijgesteld.
  • Naast het forfait mag je niet ook nog werkelijke extraterritoriale kosten vergoed krijgen. Verhuiskosten, een kennismakingsbezoek aan het bedrijf en schoolgeld voor een internationale school blijven wel apart gericht vrijgesteld.
  • Per 2027 daalt het forfait naar 27%, met overgangsrecht — zie de pagina over voorgenomen wetgeving.

Partiële buitenlandse belastingplicht — 2026 is definitief het laatste jaar

Via je aangifteMatig bekend

In het kort

Kwam je als expat naar Nederland, dan kon je kiezen om voor box 2 en box 3 als buitenlander te gelden. Dan betaal je geen box 3-belasting over je buitenlandse vermogen; na 2026 stopt die keuze.

Wat het is

Als expat kon je ervoor kiezen om voor box 2 en box 3 als buitenlands belastingplichtige te worden behandeld. Die keuze verdwijnt na 2026 definitief.

Voor wie

Ingekomen werknemers voor wie de werkgever de 30%-regeling over het laatste loontijdvak van 2023 toepaste, en die na 31-12-2023 niet opnieuw ingekomen werknemer zijn geworden. Een onderbreking telt niet mee als binnen drie maanden een nieuwe werkgever is gevonden en de bewijsregel op gezamenlijk verzoek doorloopt.

Bedragen en cijfers 2026

  • Je vermijdt de volledige box 3-heffing over je niet-Nederlandse vermogen.
  • Bij € 500.000 aan overige bezittingen: 6,00% × € 500.000 × 36% ≈ € 10.800 per jaar aan potentieel vermeden box 3-heffing. De exacte uitkomst hangt af van de samenstelling en de tegenbewijsregeling.

Strategie en stappen

  • De keuze geldt tot en met 31 december 2026. Over belastingjaar 2027 is zij definitief verdwenen. Voor wie hiervoor in aanmerking komt, is dit de meest actiegerichte informatie in dit hele domein.
  • De vereenvoudigde werkwijze — waarbij de werkgever de loonheffing afstemt op de inkomstenbelasting en jij geen aangifte hoeft te doen — kan voor deze groep nog tot 2027 worden toegepast.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • De regeling is per 1-1-2025 afgeschaft; wat rest is overgangsrecht dat op 31 december 2026 afloopt.

Heffingskortingen bij grensoverschrijdend werken

Via je aangifteWeinig bekend

In het kort

Werk je deels in het buitenland of woon je daar, dan krijg je niet altijd je volle heffingskortingen. Hoeveel je krijgt, hangt af van waar je belasting en premies betaalt.

Wat het is

Werk je (deels) buiten Nederland, dan krijg je niet automatisch de volle heffingskortingen. Elke korting bestaat uit een belastingdeel en drie premiedelen.

Voor wie

Grensarbeiders, gedetacheerden, niet-inwoners met Nederlands inkomen, en inwoners die deels in het buitenland premieplichtig zijn.

Bedragen en cijfers 2026

  • Opbouw: belastingdeel 8,10/35,75; premiedelen AOW 17,90%, Anw 0,10%, Wlz 9,65% — samen 27,65/35,75.
  • Ben je maar een deel van het jaar premieplichtig, dan krijg je een tijdsevenredig deel van het premiedeel.

Strategie en stappen

  • Niet-inwoners hebben in beginsel geen recht op het belastingdeel, behalve voor de arbeidskorting: inwoners van een EU-lidstaat, IJsland, Noorwegen, Liechtenstein, Zwitserland of een BES-eiland (en werknemers onder het Brexit-terugtrekkingsakkoord) houden dat recht wél.
  • Inwoners van België, Suriname of Aruba houden bovendien recht op het belastingdeel van de algemene heffingskorting.

Vrijgesteld loon dat vaak wordt vergeten 6

Diensttijduitkering bij 25 en 40 dienstjaren

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Ben je 25 of 40 jaar in dienst, dan mag je werkgever je een bedrag belastingvrij geven. Dat is hoogstens één maandloon, bij elk van beide jubilea.

Wat het is

Bij een jubileum van 25 én van 40 dienstjaren mag je werkgever je een bedrag geven dat volledig belastingvrij is.

Voor wie

Werknemers die een diensttijd van 25 of 40 jaar bereiken. Beide momenten geven een eigen vrijstelling.

Bedragen en cijfers 2026

  • Elk van beide momenten is vrijgesteld tot het loon over één maand, inclusief 1/12 vakantiebijslag, 1/12 keuzebudget of IKB, en het werknemersdeel van de pensioenpremie.

Strategie en stappen

  • Dienstjaren bij een vorige werkgever mogen meetellen als dat maatschappelijk gebruikelijk is — bijvoorbeeld binnen dezelfde cao. Breng dat zelf ter sprake; werkgevers rekenen standaard alleen de eigen dienstjaren.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • Het gaat om twee losse momenten (25 én 40 jaar), niet om één keuze.

Eenmalige uitkering bij overlijden

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Overlijdt een werknemer, dan mag de werkgever de nabestaanden een bedrag belastingvrij geven. Dat is hoogstens drie keer het maandloon.

Wat het is

Keert de werkgever bij overlijden van een werknemer een bedrag uit aan de nabestaanden, dan is dat tot een bepaald bedrag volledig vrijgesteld.

Voor wie

Nabestaanden van een overleden werknemer.

Bedragen en cijfers 2026

  • Volledig vrijgesteld tot drie keer het maandloon.

Strategie en stappen

  • Controleer de cao of arbeidsvoorwaarden: veel werkgevers kennen zo’n uitkering wel maar keren minder uit dan fiscaal onbelast mogelijk is.

Vergoeding voor schade aan of verlies van persoonlijke zaken

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Raakt er door een bijzonder voorval op je werk iets van jezelf kapot of kwijt, dan mag je werkgever dat belastingvrij vergoeden. Gewone slijtage valt daar niet onder.

Wat het is

Raakt er tijdens je werk iets van jezelf beschadigd of kwijt, dan mag je werkgever dat onder voorwaarden belastingvrij vergoeden.

Voor wie

Alle werknemers.

Bedragen en cijfers 2026

  • Vrijgesteld als de schade voortkomt uit een bijzondere gebeurtenis die met de dienstbetrekking samenhangt.
  • Wél vrijgesteld: gescheurde kleding aan een bureaurand. Niet vrijgesteld: normale slijtage, of een beroepsrisico zoals bij een kleuterleidster — dat is belast.

Strategie en stappen

  • Beschrijf bij de declaratie de gebeurtenis, niet alleen het bedrag. Het criterium hangt volledig aan het bijzondere karakter van het voorval.

Uitkeringen uit personeelsfondsen

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Krijg je geld uit een personeelsfonds, dan is dat belastingvrij als de werknemers minstens evenveel inlegden als de werkgever. Voor uitkeringen bij ziekte of overlijden geldt dat niet.

Wat het is

Een uitkering uit een personeelsfonds kan onbelast zijn, als werknemers zelf genoeg aan dat fonds hebben bijgedragen.

Voor wie

Werknemers bij een werkgever met een personeelsfonds.

Bedragen en cijfers 2026

  • Vrijgesteld als de werknemers de laatste vijf jaar minstens evenveel hebben bijgedragen als de werkgever.
  • Uitgezonderd: uitkeringen bij ziekte, invaliditeit, bevalling, adoptie of overlijden — die vallen niet onder deze vrijstelling.

Voorwaarden, risico’s en antimisbruik

  • De bijdragen van werknemers zijn niet aftrekbaar; ze worden netto ingehouden.

Studietoelage rechtstreeks aan het kind van een werknemer

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Betaalt je werkgever een studietoelage rechtstreeks aan je studerende kind, dan is dat inkomen van je kind en niet van jou. Je kind betaalt daar vaak weinig of geen belasting over.

Wat het is

Betaalt je werkgever een studietoelage rechtstreeks aan je studerende kind, dan wordt dat het inkomen van je kind — niet van jou. Dat pakt fiscaal vaak veel gunstiger uit.

Voor wie

Werknemers met studerende kinderen bij een werkgever die zo’n regeling kent of wil treffen.

Bedragen en cijfers 2026

  • Bij een zelfstandig recht van het kind: eigen inkomen van het kind, groene tabel, eigen heffingskorting — in de praktijk vaak effectief onbelast.
  • Alternatief: de vergoeding aan de werknemer aanwijzen als eindheffingsloon. Het Handboek merkt € 3.000 collegegeld daarbij aan als “niet ongebruikelijk”.

Strategie en stappen

  • Het verschil zit in de vormgeving: een zelfstandig recht van het kind, niet een vergoeding aan de ouder. Dat moet vooraf zo worden geregeld.

Kleine ziektekostenregeling buiten de Zvw

Via je werkgeverWeinig bekend

In het kort

Een kleine ziektekostenregeling van je werkgever, naast je zorgverzekering, kan belastingvrij zijn. Dat kan alleen als de waarde ervan heel laag blijft.

Wat het is

Een kleine collectieve ziektekostenregeling van je werkgever kan onbelast blijven, mits de waarde ervan onder een vast bedrag blijft.

Voor wie

Werknemers bij een werkgever met zo’n regeling.

Bedragen en cijfers 2026

  • Onbelast als de aanspraakwaarde niet meer bedraagt dan € 27 per jaar.
  • De uitkeringen uit zo’n regeling zijn dan vrijgesteld, behalve periodieke uitkeringen.

En wat betekent dit voor jou?

Dit zijn de regelingen die bij werknemers en uitkeringsgerechtigden aan de orde kunnen zijn. Welke van deze op jóu van toepassing zijn — en wat ze in jouw situatie doen — rekent de tool uit.

Reken het uit Vijf tot tien minuten · gratis · niets gaat naar een server